Mastodon designing futures where nothing will occur

vrijdag 13 juni 2014

Cosmos: A Spacetime Odyssey in detail besproken


Voor wie gisteren het bericht heeft gemist: ik heb een artikel over Cosmos: A Spacetime Odyssey gepubliceerd op Myjour: 'De anti-autoritaire wetenschap'. Ik ga onder andere in op de esthetiek, de relatie met het origineel en de onderliggende gedachten van de serie die politieker is dan ik van te voren had verwacht.

Waar ik het niet over heb is de muziek. Die is overigens acceptabel. Niets dat in de buurt komt van Vangelis in Cosmos: A Personal Journey.

maandag 9 juni 2014

Elektrische gedachten

Electric technology, by virtue of its immediate relation to our nervous system, is itself a sort of inner trip, with drugs playing the role of sub-plot or alternate mode. It may well appear a few years hence that the panic about psychedelic drugs relates less to the chemistry than to the hidden terrors which people feel in the presence of electric technology.
Marshall McLuhan over Timothy Leary. Lees hier de achtergrond. Er was een tijd dat ik helemaal in dat tijdperk was ondergedompeld (ik heb zelfs een scriptie geschreven over LSD als technologie). McLuhan en Leary, twee figuren waar ik om verschillende redenen ambivalente gevoelens over heb, maar de energie van hun gedachten is nog steeds geweldig, elektrisch.

woensdag 4 juni 2014

Uit het archief: 'Closer: Existentialistische Acid'


Met de aankondiging dat er eindelijk een nieuwe Plastikman plaat aankomt -die preview klinkt heerlijk- is het een goed moment om weer eens in de oude doos te duiken. Een van twee kritieken die ik schreef voor De Subjectivisten. Pre-blackout dus alleen bewaard gebleven in Toekomstdagen 2002-2007.




closer: existentialistische acid



“Dit universum, dat voortaan zonder meester is, lijkt hem noch steriel nog zinloos. Elk splintertje van die steen, elke mineraal van die donkere berg, vormt op zichzelf een wereld. De strijd om boven te komen, is op zichzelf voldoende om het hart van een mens te vervullen. We moeten ons Sisyphus als gelukkig voorstellen.”


         Albert Camus – De Mythe Van Sisyphus


De hoes: een oog tegen een zwarte achtergrond. Of wel een uitdovende zon, de bron van leven, die zijn laatste vlammen de oneindigheid in stuurt. Optioneel: de titel als referentie aan Joy Division. Voordat je een bliepje hebt gehoord van het vierde officiële Plastikman album weet je dat dit geen feestmuziek wordt. Nu heeft Richie Hawtin door de jaren heen steeds strenger een scheiding aangebracht tussen de muziek die hij draait als DJ (gericht op complete extase) en reserveert voor albums die strak geconceptualiseerd zijn, een vorm van contemplatieve techno zo je wilt. Kaal, Spartaans maar niet zonder menselijke schaduwen.

Closer is op het moment vooral onderwerp van discussie omdat Hawtin zijn stem laat horen. Zingen kan je het nauwelijks noemen wat die zware, droevige robotstem laat horen. Het zingen op zich is niet belangrijk maar juist dat de woorden plotseling het abstractieniveau van Hawtins vorige albums enigszins laat ademen en diezelfde albums in een nieuw licht plaatst. De stem twijfelt, is gevangen in een hoofd, is geobsedeerd door zijn relatie met gedachten, de richting van denken, de ruimte van het bewustzijn, de aard van subjectiviteit. Ik kan de muziek niet anders noemen dan existentialistische acid. Een muziek voor een goddeloos universum, pessimistisch, onbehagelijk, waar het grote niets altijd op de loer ligt, waar de gedachten afsterven, waar vervreemding in de relaties met anderen heerst.

Met het benoemen worden de vorige Plastikman albums ook plotseling een eenheid. Dit existentialisme blijkt altijd aanwezig te zijn geweest. De sciencefictionscenario’s van Sheet One waarin het individu verloren is in de liefdeloze kosmos, Musik als een studie naar de relatie tijd-Zijn-muziek, de leegte van Consumed (in het Engels heeft consumption een nare betekenis van: het geleidelijk vergaan van lichaamsweefsel.) De muziek zelf is bijkans nog kaler dan op Consumed, dat ten minste een spookachtige kwaliteit bezit, machines die schijnen met een aura. De stem is noodzakelijk om het kale geluid van Closer te redden van pure abstractie. Wanneer de plaat binnen haar parameters uitschiet is zij het minst interessant: ‘Headcase’ en ‘Mind Encode’ vormen het abstracte extreem, ze gaan in hun schier eindeloze herhaling nergens naar toe, of beter ze klinken als een afdaling in de gapende afgrond van het onderbewustzijn, het labyrint van het zenuwstelsel. Boven die afgrond balanceren bewuste gedachten waarvan de single ‘Disconnect’ het meest tekstueel is, helaas zonder het niveau van een depressief kinderrijmpje te ontstijgen, het spelt de dingen teveel uit.

De rest van de plaat gaat in een vloeiende beweging voorbij, er is een langgerekt synth-thema in de melancholische traditie van Blade Runner dat op gezette tijden terugkeert en de volgende constructie van percussie en zoemende bas aankondigt. De gedachte aan Blade Runner is met name tijdens ‘Lost’, wanneer plotseling het geluid van mechanische tranen verschijnt, niet toevallig. Zoals veel muziek van Hawtin worstelt Closer met vraagstukken over de aard van het ik wanneer de instroom van de machine in het menselijke steeds subtieler wordt. Is dit een tendens naar een definitieve erosie van het vrije subject of een nieuwe bewustzijnsconstructie zwanger met onontgonnen angsten, halfbegrepen onzekerheden en ook overweldigende mogelijkheden?

Het is, vermoed ik, muziek die een nieuwkomer in het genre weinig plezier kan schenken. Techno-voor-kenners klinkt wellicht onnodig elitair, maar Closer doet me denken aan Simon Reynolds’ opmerking dat veel post-Basic Channel techno alleen maar is te waarderen door jarenlang te luisteren naar house, totdat op een gegeven ogenblik een soort overgevoeligheid wordt ontwikkeld voor microscopische veranderingen in geluid. Een sonisch equivalent van de subatomaire realiteit waar andere wetten gelden: een subtiele verandering in ruimtelijkheid, een klein effect, even wat meer reverb krijgt gigantische gevolgen. Een mooi voorbeeld is het afsluitende ‘I Don’t Know’ dat 5 minuten lang een ritme opbouwt zonder zicht op een werkelijk doel. Dan verschijnt een subtiele acidmelodie die een uitweg biedt, het is het geluid van hoop.

Derrick May omschreef techno ooit als “een ongeluk, een ontmoeting tussen Kraftwerk en George Clinton in een lift”. Hawtins versie van techno verwijdert Clinton uit dit scenario maar in plaats van een andere muzikant lijkt de muziek beter te omschrijven door de toevoeging van schilders als Rothko of Newman. Omdat de muziek van Hawtin zo “weinig geeft” ga je als luisteraar haast automatisch zoeken naar visuele opvullingen: de kleur-om-in-te-verdrinken van Rothko of de-gebeurtenis-in-het-Niets van Newman lijken mij beter te passen dan bijvoorbeeld de drukke digitale vistas van VJ’s. Tracks als ‘Ping Pong’ weten meer dan welke vorm van minimale techno esthetische vragen te suggereren over muziek en ruimte: er is iets, geluid, omringd door niets. Waar eindigt de toon? Waar begint de leegte? Is die leegte eindig? Is het niets misschien onderdeel van de muziek? Blijf op deze manier vragen stellen en je wordt steeds dieper in de wereld van Plastikman getrokken.

zaterdag 31 mei 2014

Een tijdlijn van de toekomst



Kijk, dat is nou handig! Giorgi Lupi maakte een tijdlijn van de toekomst (en inmiddels wat verleden) aan de hand van sciencefictionklassiekers. Er staat ons nog veel te wachten, waaronder: Lady Gaga arrested for civil disobedience after winning Nobel Peace Prize (2027). Was wel enigszins verbaasd dat de tijdlijn stop bij Time Machine. Starmaker van Olaf Stapledon gaat miljarden jaren verder, zoveel verder dat de illustratie uit balans raakt.

Hier is meer informatie vinden plus de complete tijdlijn in hoge resolutie.

maandag 26 mei 2014

Een nieuwe reeks over popmuziek

Ik begin voor Myjour aan een nieuwe, lange reeks kritieken van popalbums. Kritiek hier vanzelfsprekend in de zin van systematische analyse (niet als negatieve beoordeling). Ik heb toen ik het lumineuze idee kreeg heel snel een lijst met titels opgeschreven die niet expliciet iets met elkaar te maken hebben. Behalve dat ze bij mij in de platenkast staan en belangrijker: breken met het idee van de witte man met gitaar (of zijn even overgeanalyseerde evenknie, de zwarte man met soul.) Waar ik aandacht aan wil besteden zijn de platen waar niet om de vijf jaar een jubileumstuk over wordt geschreven, die niet in rockumentaries worden gecanoniseerd. Platen waar ik gewoon de behoefte over voel om iets over te schrijven.

Daarnaast mis ik ook een bepaald schrijven over popmuziek. De laatste tijd merk ik dat, wanneer ik een artikel over popmuziek lees, de tekst steeds wordt onderbroken door foto's, youtube-filmpjes en spotify playlists. Een begrijpelijke inzet van de mogelijkheden van de link, maar een onrustige leeservaring. Ik wil een rustige tekst presenteren. Muziek is al "waarde"-loos en een nerveuze verzameling data. Prima, mijn Spotify-lijst loopt ook vol. Maar reden te meer om ergens anders rust aan te brengen. Bovendien ben ik van mening dat iedereen prima zelf de muziek weet te vinden (SEO interesseert mij in dit geval niet zoveel.)

Grace Jones - Nightclubbing is het eerst aan de beurt.

donderdag 22 mei 2014

The Absence of Light



Op de website van Sonic Acts is nu de Engelse versie van De Afwezigheid van Licht te vinden. Dit is de versie van het sciencefictionverhaal dat ik 18 januari heb voorgedragen in De Balie. De Nederlandse versie staat hier op de site inclusief bijhorende mix.

zaterdag 17 mei 2014

Tussen Technofobie en Technomanie

Uiteraard voelt het soms alsof technologie zich als het ware – onzichtbaar – aan ons ‘opdringt’. De afgelopen twintig jaar zijn technologieën door velen omarmd, zonder dat ze zich realiseerden dat het een fundamentele maatschappelijke (en culturele, economische en politieke) transformatie met zich meebracht. Hoewel veel mensen het gevoel zullen hebben dat ze niet juist zijn geïnformeerd over die implicaties, is het zo dat maar een klein aantal mensen daar werkelijk interesse in toonde. De meerderheid begon maar al te gretig met het gebruiken van de nieuwe technologieën, en vergaten ‘de rest’. Er bestaat zeker een gebrek aan kennis over de technologieën die we gebruiken. Technologieën zijn verworden tot de magische producten die op een of andere manier functioneren, en steeds vaker wordt de consument bewust weggehouden van de belangen die spelen, ze worden opgesloten in een een slimme, gesloten. Smartphones, iPads, iPhones, ze worden gemaakt voor consumenten, en transformeren ons in niet-denkende consumenten.
Van een paar maanden terug, maar zo snel gaan de ontwikkelingen niet en zo'n essay is het ook niet. Meer een onderwerp waar we de komende decennia zoet mee zijn. 'Moeten we allemaal technofoob worden? Of onze technomanie koesteren?' van Arie Altena voor Gonzo Circus. Beetje een thuiswedstrijd voor de wetenschaps- en/of techonologiesocioloog maar hij weet helder de gelaagdheid van technologie te presenteren.