Mastodon designing futures where nothing will occur

dinsdag 19 december 2023

De 20ste eeuw in de achteruitkijkspiegel

Met de verschijning van Selected Nonfiction 1962-2007 zijn de complete werken van sciencefictionschrijver J.G. Ballard vrijwel uitgeput (een slag om de arm, dit zijn immers niet de complete non-fictie werken.) Deze kloeke uitgave blijkt na lezing een noodzakelijk vervolg op The User’s Guide to the Millennium uit 1996. Soms is er een overlap tussen beide bundels maar Mark Blacklock kon uiteindelijk over genoeg materiaal beschikken om de Ballardiaan tevreden te houden. Bovendien schreef Ballard tijdens de laatste elf jaar van zijn leven, inmiddels een geliefde autoriteit op het gebied van de onorthodoxe mening, scherpzinnige recensies en artikelen over uiteenlopende onderwerpen als C.S.I., het Guggenheim Museum, Helmut Newton en nieuwe politiek die nu te plaatsen zijn binnen het oeuvre (zijn late meesterwerk Super-Cannes wordt bijvoorbeeld in een reisimpressie uit 1995 al aangekondigd.) The User’s Guide to the Millennium verscheen ook op een ander moment. Ballard had net met hernieuwd elan zijn late periode ingezet, Cronenberg zou datzelfde jaar de verfilming van Crash uitbrengen en in de jaren negentig—de tijd van techno-optimisme, rave futurisme en alles wat daar aan gelieerd was, van smart drugs tot gewone drugs, sensualiteit, online verkenningen en Ocean of Sound—gedijde de fictie van de ambivalente optimist misschien als nooit te voren. Daarmee vergeleken is Selected Nonfiction 1962-2007 veel meer een terugblik waardoor je vanzelfsprekend de vraag stelt: wat is in de diepe 21ste eeuw de status van Ballard?
Ballard is de sciencefictionschrijver die, in tegenstelling tot vrijwel al zijn collega’s, geïnteresseerd was in het heden in plaats van de toekomst. Het is opvallend hoe vroeg hij al teleurgesteld raakt in de toekomst. De vlucht van Spoetnik is voor hem het hoogtepunt van het futurisme, waarna een soort voorspelbaarheid toeslaat en sciencefiction als genre op een dood spoor raakt. Terwijl Ballard ervan overtuigd is dat het de enige literatuur kan zijn die de opkomende technologisch cultuur betekenis kan geven. ¨...one certain thing about the future is that it will be boring…” En dat is gezien de interplanetaire toekomstvisioenen van weleer lastig te ontkennen. De look & feel van 2023 verschilt in principe heel weinig van die van de jaren negentig (nog steeds ergens “het vorige decennium”) of zelfs 1977. Technologische verandering is grotendeels onzichtbaar of speelt zich af op detailniveau. Met dat gevoel van saaiheid en betekenisloosheid binnen de kaders van de allesoverheersende consumptiemaatschappij worstelen de personages in de boeken uit zijn late periode en die werken zijn allemaal nog actueel. Maar eigenlijk worden de personages uit de meeste van zijn werken geconfronteerd met betekenisloosheid die het universum, dreigende natuurrampen of de gruwelen van de 20ste eeuw teweegbrengen. Wat zijn personages zo uniek maakt is dat ze er gewoon wat van maken, bij voorkeur door hun eigen obsessies te volgen en psychopathologie te omarmen om zo een nieuwe realiteit vorm te geven. 
 
Dit alles is het product van een vriendelijke Engelse huisvader die een groot deel van zijn leven in de buitenwijk Shepperton woonde. Ballard zou zelf ontcijferen waarom hij schreef op de manier waarop hij deed en waarom hij ook uniek zal blijven. Natuurlijk zijn er invloeden als de surrealisten en William Burroughs die in Selected Nonfiction 1962-2007 uitgebreid en herhaaldelijk aan bod komen. Maar de sleutel ligt in zijn kindertijd in Shanghai en pubertijt in een Jappenkamp (een onwerkelijke Britse autonomie die dicht tegen zelfopsluiting lag.) De semi-tropische idylle van het vooroorlogse Shanghai (volgens zijn vader op dat moment de meest vooruitstrevende stad van de wereld) waarvan de realiteit bruut wordt verstoord door oorlog is zonder twijfel de bron van zijn onmiskenbare fantasie. En dat wordt in menig artikel, rond het schrijven en de verfilming van zijn autobiografische Empire of the Sun, geanalyseerd. ‘Unlocking the Past’ vormt een fraaie beschrijving van zijn terugkeer naar Shanghai voor de documentaire Shanghai Jim (1991) waarin Ballard op wonderbaarlijke wijze zijn ouderlijk huis en het kamp intact terugvindt. Het is voor mij geen toeval dat mijn favoriete Nederlandse schrijver, Couperus, een deel van tienerjaren in Indië woonde. De Oriënt is het Onbewuste van de Westerse literatuur en een handvol kunstenaars werd hier gevormd om, even in psychoanalytische termen door te gaan, opeens te worden geconfronteerd met het realiteitsprincipe van hun grauwe thuislanden. 
 
Tijdens het lezen van zijn non-fictiewerk werd ik al snel overmand door tweestrijdige indrukken. Op een niveau leven we in de wereld van Ballard en zijn penvriend Baudrillard, al is het avontuurlijke afwezig, de droomlaag verdampt om plaats te maken voor de even nerveuze als fantasieloze oppervlakte van het digitale. Wat daaruit opdoemt is een wereld die veel meer lijkt op de pessimistische boeken van John Brunner, een langzaam uit elkaar vallende wereld van overbevolking, vervuiling, kansloze strijd tegen klimaatverandering waar fascisme continue dreigt toe te slaan. Technologische vooruitgang is voornamelijk in handen van techbro’s met een gebrekkige verbeeldingskracht die cultuur het liefst uitleveren aan hun geliefde algoritmen. Waar ik naar toe wil, is dat we langzamerhand door de de achteruitkijkspiegel kijken naar de grootste avant-gardist van sciencefiction. Het oeuvre is af, zijn obsessies en interesses eindig, de 20ste eeuw steeds verder weg als de vervlogen details van een nachtmerrie. Ik denk dat hij de woestijn waar we naar toesnellen op verschillende plekken scherper in kaart bracht dan menigeen. Niets is echter opgewassen tegen de winden uit het niets die geduldig de markeringspunten wegvagen. Op goed geluk zijn er misschien nog enclaves te vinden waar goedaardige zonderlingen oude dromen najagen als in een spel dat het leven genoeg zin geeft.

J.G. Ballard - Selected Non-Fiction 1962-2007, edited by Mark Blackclock (The MIT Press, 2023. ISBN 978-0-262-04832-3)