Posts tonen met het label politiek. Alle posts tonen
Posts tonen met het label politiek. Alle posts tonen
woensdag 20 september 2017
De Toekomst van Spanje
Geen reden om in de reeks van toekomstscenario’s Spanje ook niet een keer te analyseren. Spanje is voor de meeste mediakanalen weinig interessant totdat een aanslag wordt gepleegd of er weer een referendum wordt georganiseerd in Catalonië, waarbij in Spanje wonende correspondenten graag "historische" mythes herhalen (Spanje heeft bijvoorbeeld 300 geleden Catalonië niet "veroverd", dat was allang deel van het koninkrijk.) Aangezien ik nog steeds Spaans staatsburger met stemrecht ben en in een mogelijk toekomstscenario in Spanje mijn oude dag zal doorbrengen (alhoewel, haal de Amsterdammer uit Amsterdam, lastig) volg ik op gepaste afstand het wel en wee in dat prachtige, maar vaak frustrerende land.
Een mening over het onafhankelijkheidsstreven van Catalonië? Het is een interessant onderwerp maar niet vanwege de oppervlakkige redenen, want die onafhankelijkheid gaat er voorlopig niet komen. Dat de natie-staat ooit zal verdwijnen is aannemelijk, want een recente uitvinding. Het is bovendien mijn overtuiging dat Spanje met de manier waarop het is opgebouwd een van de eerste laboratoria zal vormen voor nieuwe staatsstelsels. Maar ik zal het waarschijnlijk niet meer meemaken. Ik merk dat met name in Nederland, maar ook in het Verenigd Koninkrijk, waar zich veel vrijheidsstrijders van het toetsenbord bevinden, de situatie ondermaats wordt gepresenteerd. Daar zijn duidelijke historische redenen voor aan te wijzen die eigenlijk niet verder reiken dat het moment dat Johan Cruijff bij F.C.Barcelona tekende en goedkope vluchten richting de Costa Brava op gang kwamen. Journalistieke onnauwkeurigheid is, zoals we tegenwoordig gewend zijn, een andere factor.
Twee zaken worden buiten Spanje zelden tot nooit genoemd. Ten eerste dat men in Spanje weinig goede herinneringen heeft aan de laatste groep die de grondwet moedwillig ter zijde schoof. Ten tweede wordt nooit de essentiële vraag gesteld: wie profiteert werkelijk van onafhankelijkheid? Dat is namelijk de Catalaanse elite, de beroemde "100 families", die smacht naar zelforganisatie en het veilig stellen van kapitaal. Waarom dit zo wrang is kom ik hieronder nog op terug.
Dat de grondwet geen ruimte laat voor een referendum over onafhankelijkheid is een gegeven, geen enkel moderne democratie met een grondwet kent die ruimte, reden waarom toenadering van Catalaanse politici naar buitenlandse regeringsleiders steevast wordt genegeerd. Een mogelijke opening, en dit willen bepaalde politieke partijen onderzoeken, is een aanpassing van de Spaanse grondwet om zo de status van autonome regio's bij te stellen (al gaat die autonomie nu al veel verder dan in de meeste landen.) Het probleem voor de Catalaanse oligarchie is dat dit proces lang duurt, geen garantie op succes biedt en de complete Spaanse bevolking een stem geeft. De Spaanse overheid weet dat ze in haar gelijk staat en kan in principe elk referendum dat driftig om de zoveel jaar wordt georganiseerd uitzitten.
Wat het dan ook doet. Maar bij elk referendum, dat telkens weer ongeldig wordt verklaard, wordt de stemming grimmiger. Het lijkt er dit jaar dan ook op dat de Spaanse overheid de duimschroeven wat aandraait en eens en voor altijd van het gezeur af wil zijn. Een delicate operatie, want te grote gebaren, zoals de arrestatie van een aantal organisatoren van het referendum, spelen nationalisten in de kaart. De hoofdprijs van provocatie is het beeld van tanks op straat waarmee de gedroomde status van Kosovo zou kunnen worden behaald. Zolang dat beeld niet bestaat blijft de status quo bestaan.
Wat mij als progressieve Spanjaard veel meer interesseert is hoe linkse partijen met deze situatie omgaan en dat is grotendeels een deceptie. Binnen Catalonië heeft nationalisme een zeer karakteristieke hybride gevormd met ideologisch links-georiënteerde partijen die zelf vaak zijn ontstaan uit onvrede met het gebrek aan onafhankelijkheidsstreven in moederpartijen. Uiteindelijk leverde dit met het oog op de regionale verkiezingen van 2015 het gedrocht Junts pel Sí op, een coalitie met de grootste partij in de regio, Convergència Democràtica de Catalunya. Dit was de facto het ideologische failliet van de deelnemende linkse partijen die een pact aangingen met wat in wezen een strikt neoliberale partij is (die bovendien continu door corruptie wordt geplaagd). Junts pel Sí heeft voor een meerderheid bovendien de steun van het radicaal-linkse Candidatura d'Unitat Popular (CUP) nodig. De strategie van de laatste is enigszins te begrijpen maar naïef: men hoopt op een onafhankelijk Catalonië waar vervolgens gebroken kan worden met de neoliberale politiek om het land naar links-autonome wijze in te richten. Ook al gaat het in tegen de internationale kerngedachte van progressieve politiek heeft het CUP-idee van een participerende democratie iets sympathieks. Maar het is ondenkbaar dat de lokale elite de macht, met bijhorend geweldsmonopolie, na al die decennia uit handen zal geven. Zonder een brede, internationale verdwijning of radicale omvorming van kapitalisme gaat er geen commune van Catalonië komen. Waar het wel op zou lijken is een nieuw soort belastingparadijs dat buiten de controle van de Europese Unie valt.
Hoe zit dit op nationaal niveau? PSOE, de traditionele socialistische partij, heeft een periode van crisis doorgemaakt en lijkt voorzichtig naar links te bewegen, steunt de rechtse regering in het blokkeren van onafhankelijkheid maar laat de mogelijkheid voor een grondwetsverandering open. Een bedachtzame middenpositie die de partij tijd gunt om zich ideologisch verder te heroriënteren. Wie zich in een spagaat heeft gemanoeuvreerd is Pablo Iglesias van Podemos. Iglesias heeft bij de laatste lokale verkiezingen door strategische samenwerkingen een aantal belangrijke overwinningen weten te boeken waarbij aan Podemos gelieerde burgemeesters van Barcelona en Madrid werden gekozen. Toen al moest Iglesias in Catalonië over eieren lopen om een deel van zijn electoraat met sympathieën voor onafhankelijkheid niet kwijt te raken. Het vergt steeds meer van zijn retorische vermogens om deze positie vol te houden. Degene die als eerste onder de druk zwicht is helaas Ada Colau, de vernieuwende burgemeester van Barcelona. Ook zij weet dat ze weinig kans maakt om herkozen te worden als ze onafhankelijkheid compleet afzweert. Haar medewerking aan een brief aan de Spaanse regering en koning om over het referendum te onderhandelen is politiek-strategisch begrijpelijk, maar zal haar waarschijnlijk niet in dank worden afgenomen in een stad waar de meerderheid van de bevolking tegen onafhankelijkheid is. Hierdoor wordt een belangrijke politieke beweging geproblematiseerd, wat vergaande gevolgen kan hebben voor progressieven in Spanje die eindelijk de mogelijkheid hadden gevonden om voorbij het pseudo-tweepartijenstelsel te denken.
De situatie in Spanje verschilt, met uitzondering van details, uiteindelijk weinig van andere landen in de manier waarop men zich met randzaken bezighoudt in plaats van het werken aan essentiële oplossingen voor de rest van de 21ste eeuw. Vanaf het moment dat klimaatverandering zich voor het eerst aankondigde, stond Spanje meteen in de schijnwerper. Een van de logische scenario's van klimaatverandering is dat het Iberisch Schiereiland ongenadig hard geraakt kan worden. Wanneer de temperaturen blijven stijgen, en de afgelopen zomer is al een waarschuwing geweest, zullen de zomers ondragelijk worden en het proces van woestijnvorming doorzetten. Wat pijnlijk is omdat Spanje een van de leiders in duurzame energie had kunnen zijn en op weg was om dit worden (logisch met zoveel zonne-uren). Toen de rechtse Partido Popular in 2011 aan de macht kwam heeft ze echter vrijwel direct de duurzame energiesector getorpedeerd die zich vervolgens op het buitenland moest richten (Gamesa, een van de grootste fabrikanten van windturbines is Spaans maar verkoopt ze, na ternauwernood te hebben overleefd, vooral in de Verenigde Staten.)
Om te kunnen overleven zal Spanje radicaal moeten veranderen. De beruchte corruptie heeft het land de afgelopen 20 jaar bijna lam gelegd. Voorzichtig lijkt hier een kentering in te komen, het Spaanse nieuws opent steevast met weer een corruptiezaak die naar de rechter wordt gebracht, al lijkt het soms onbegonnen werk, geen enkele institutie of partij is op elk niveau ongevoelig voor deze verrotting. Pas als corruptie is beteugeld kan men daadwerkelijk beginnen aan nieuwe grote projecten. Geen megacasino’s, onafgebouwde flats of nooit gebruikte vliegvelden maar projecten in de geest van Solarpunk: irrigatiesystemen, groene steden, het verder uitbouwen van het op Japanse school geënte netwerk voor hogesnelheidstreinen (nu al het grootste van Europa.) De melancholische estheten moeten de zelfsabotage overwinnen of er blijft niets anders over dan gebarsten land.
Meer achtergrond:
Intrigerende conversatie in Jacobin tussen Pau Llonch en Alberto Garzón: over hoe links op het onafhankelijkheidsstreven zou moeten reageren.
Minutieuze ontmanteling van de tien belangrijkste onwaarheden en mythes van het Catalaans-nationalistische kamp (El País, in het Spaans.)
'A (weak) homage to democracy in Catalonia' door Manuel Serrano is een van de beste analyses van de situatie (OpenDemocracy, in het Engels/Spaans)
'The failure of Catalan nationalism' (El País, in het Engels)
´Catalanen worden echt niet onderdrukt´ (NRC, aan de late kant weer, maar interessant genoeg geschreven door een Nederlandse (half-Spaanse?) deelnemer aan de Indignados beweging)
I-CONnect Symposium: The Independence Vote in Catalonia–The Constitutional Crisis of October 1 door Víctor Ferreres Comella
Nawoord 1 oktober
Is er niemand dood gegaan? Dan zal het onafhankelijkheidsstreven van Catalonië heel langzaam aan populariteit afnemen. Zonder martelaars, waar sommigen op hadden gehoopt (katholiek land nietwaar?), geen blijvende wond. Een mediaspektakel blijft vluchtig in de oneindige verschuivingen van de hyperrealiteit. Voor de nabije toekomst betekent dit helaas dat progressieve politiek in Spanje buitenspel is gezet. Had vandaag anders kunnen verlopen? Natuurlijk, de politie kon net zo goed vijf minuten voor sluiting alle stembussen confisqueren, maar het ouderwetse politiegeweld is strategisch, cynisch zo je wilt, voor binnenlands gebruik ingezet (de ware instrumenten van de moderne controlestaat, type digitale blackout, zijn gewoon achter de hand gehouden). Premier Rajoy heeft de strijd voor de binnenlandse sympathie waarschijnlijk gewonnen. De beelden van bloedende burgers die gretig op social media werden verspreid zullen weinig indruk maken in Spanje zelf, waar de gedachte zal zijn: als je blijft trollen krijg je op een gegeven moment een beuk. Uiteindelijk een wat bot antwoord op Poppers essentiële paradox van tolerantie. En dus hebben we in Spanje de Partido Popular de komende jaren hasta en la sopa.
Zelf ben ik verder gedesillusioneerd geraakt over de manier waarop men de afgelopen weken verslag heeft gedaan in veel nieuwsmedia (met uitzondering van een realistisch, afstandelijk Trouw en een late maar scherpe bijdrage in De Volkskrant van Spanjespecialist Steven Adolf en zowaar een portret van anti-nationalistisch links in Cataluña) en personen waar ik een doordachte kritische houding van had verwacht (o.a. Naomi Klein, Paul Mason) maar zich ontpopten als twitterorakels die duidelijk blijk gaven zich niet in de materie te hebben verdiept. Niet alleen links in Spanje krijgt het moeilijk, het idee van een kosmopolitisch links lijkt ten einde te lopen nu veel ideologen de partij kiezen van nationalistische bewegingen. Een soort slow motion 1914.
Voor de langere termijn zie ik eigenlijk maar twee realistische scenario's:
– Een radicale oplossing die veel kwaad bloed zal zetten is het tijdelijk opschorten van de autonomie van de regio wat mogelijk is dankzij artikel 155. De Spaanse overheid zou dan een grote schoonmaak kunnen houden in het regionale rechtssysteem, de politie (de apathische Mossos d’Esquadra) en, waar de handen waarschijnlijk het meest jeuken, onderwijs. Een soort reboot van het systeem. Maar artikel 155 wordt over het algemeen gezien als een noodrem en de Spaanse overheid zal, met alle staatsrechtelijke troeven achter de hand, waarschijnlijk the long game spelen (de Spaanse overheid is zeer geduldig.)
– De collectieve oplossing. De eerder genoemde grondwetswijziging. Een lang proces met een onvoorspelbare uitkomst waar uiteindelijk alle Spanjaarden over zouden moeten stemmen (opvallend genoeg ziet men in onafhankelijkheidskringen de bui al hangen en begint een discours op gang te komen dat de grondwet van 1978 hen is opgedrongen, de zoveelste geschiedsvervalsing.) En met een aantal problemen: het zal lang duren voordat alle partijen weer met elkaar willen spreken (iemand opperde al het aantrekkelijke idee van een Latijns-Amerikaanse mediator maar dan nog zal Puigdemont eerst het veld moeten ruimen en Rajoy ook.) Bovendien, hoeveel zal een wijziging van de grondwet echt uitmaken van een staat die al vergaand federatief is? Kortom, de status quo zal de komende decennia blijven bestaan. Beter steekt men al die energie in constructieve projecten in plaats van het narcisme van de kleine verschillen, het kankergezwel dat nationalisme heet.
En in alle commotie vergat ik gewoon een derde lange termijn scenario:
- Een federaal Europa waar langzaam de natiestaten in worden opgelost zal alle regio's en (mega)steden in Europa nieuwe bevoegdheden moeten geven. Het is de meest rationele en daarom misschien ook moeilijkste oplossing, zeker op dit moment nu veel regeringsleiders en politici de nationalistische Kool-Aid hebben gedronken. Macron ziet het, maar die opereert en denkt op een ander niveau. Maar misschien dat een ramp hier, een gewapend conflict daar, een doorbraak kan forceren. Als het zo ver is, een optimistische raming is vanaf 2070, ontstaat er waarschijnlijk wel een gunstig bijeffect, namelijk dat nationalisme als vulgair en achterhaald wordt gezien.
vrijdag 23 juni 2017
De Konstantin Controverse
Een nieuwe controverse in de wereld van, ja van wat, house, techno...dance? Daar kom ik nog op terug. Eerlijk gezegd had ik alleen zijdelings van het Giegling label gehoord (een jonge collega is liefhebber en krijgt pretoogjes als weer een 12-inch in gelimiteerde editie kan worden besteld) en van Konstantin al helemaal niet (bewust). Maar al snel werd via social media een fragment uit een interview met Groove gedeeld, dat in eerste instantie prettig wegleest met zijn ideeën over Der Weimar-Spirit, maar waaruit op een gegeven moment blijkt dat de DJ/producer een seksistische hufter is. In het huidige tijdsgewricht kun je vervolgens ten onder gaan aan een soort online heksenjacht, wat een gevaarlijk fenomeen is, al helpen de laffe nepexcuses, waar men tegenwoordig in is gespecialiseerd, niet echt.
De controverse heeft denk ik een aantal interessante implicaties. De (domme) ideeën van Konstantin passen helaas naadloos in het huidige narratief van de blanke man die zich op een aantal vlakken onder druk voelt gezet. De broflake ziet in sommige gevallen spoken, maar in andere heeft hij gewoon te maken met een reële correctie op een eeuwenlange dominantie. Die correctie is al decennia aan de gang, maar blijkbaar worden de effecten van dekolonisering, feminisme, rechtsgelijkheid nu echt invoelbaar. Konstantins woorden verrassen daarom niet echt, zijn eigen utopie lijkt te worden doorprikt.
Maar zouden zijn woorden minder erg zijn als ze door een artiest in een ander genre werden geuit? En wat zegt dat over de relatie tussen de artiest (of denker), zijn werk en politieke gedachten? Om een voorbeeld te geven: Burzum beschouw ik als een meester in zijn genre terwijl ik, enigszins ongemakkelijk, zijn paganistisch-nationalistische ideeën accepteer. Maar in black metal weet je van te voren waar je aan begint. In house en afgeleiden ligt dit veel moeilijker. Dat heeft te maken met de oorsprong van house als een thuis/bescherming voor iedereen, een veilige haven, hoe tijdelijk, die voor minderheden in Chicago van groot belang was. ‘My House’ (1988) van Fingers Inc was en is nog steeds het statement:
Dit idee van universele acceptatie werd in Europa een aantal jaren, met als motor ecstasy, voortgezet als de knuffelutopie van acid en rave. Na 1991 volgde het uiteenvallen van de eenheid in verschillende subgenres die sindsdien zijn geëvolueerd en hun eigen kenmerken vormen, met daarbij horende (vaak onbewuste) sociale uitsluitingsmechanismen. In Duitsland is er altijd een potentieel geweest om van house een lokale volksmuziek te maken en de beruchte woorden van Mark Spoon op MTV (“the blacks have their hip hop and us whites have our techno”) gaven op botte wijze een breuk weer die met een aantal andere ontwikkelingen dansmuziek steeds minder aantrekkelijk hebben gemaakt en uiteindelijk types als Konstantin voortbrengen, een soort kinderlijke dictators die een fantasiebubbel scheppen.
En toch, ik kan me niet voorstellen dat Ricardo Villalobos of de artiesten van Kompakt zulke uitspraken zouden doen. Wat is dan het verschil? Is die wat vale Duitse deephouse een inherent fout genre? En kun je sociaalpolitieke ideeën in muziek herkennen? Dat is een vraag die al meer dan eeuw speelt ten aanzien van Richard Wagner en de vraag of zijn antisemitisme doorsijpelt in zijn muziek. En zo niet, kun je met die wetenschap toch genieten van zijn muziek? Ik denk van wel, zoals Voyage au bout de la nuit uiteindelijk een klassieker van de literatuur is, zonder dat Céline’s politiek achtergrond hier ook maar iets aan kan veranderen. Hoe groter de artiest, hoe sterker zijn kunst zijn politieke beelden tenietdoet. Wat dat betreft is het een geluk dat Hitler een middelmatige schilder en schrijver was. Het is een interessant en waarschijnlijk onbehagelijk denkexperiment om je Hitler voor te stellen als een geniaal schilder, een Picasso die toch besluit om het politieke pad te kiezen*.
* Ik noem het voorbeeld niet toevallig. Hitler speelt een aparte rol in China Miéville's The Last Days of New Paris, een fascinerende novelle over politiek en kunst.
De controverse heeft denk ik een aantal interessante implicaties. De (domme) ideeën van Konstantin passen helaas naadloos in het huidige narratief van de blanke man die zich op een aantal vlakken onder druk voelt gezet. De broflake ziet in sommige gevallen spoken, maar in andere heeft hij gewoon te maken met een reële correctie op een eeuwenlange dominantie. Die correctie is al decennia aan de gang, maar blijkbaar worden de effecten van dekolonisering, feminisme, rechtsgelijkheid nu echt invoelbaar. Konstantins woorden verrassen daarom niet echt, zijn eigen utopie lijkt te worden doorprikt.
Maar zouden zijn woorden minder erg zijn als ze door een artiest in een ander genre werden geuit? En wat zegt dat over de relatie tussen de artiest (of denker), zijn werk en politieke gedachten? Om een voorbeeld te geven: Burzum beschouw ik als een meester in zijn genre terwijl ik, enigszins ongemakkelijk, zijn paganistisch-nationalistische ideeën accepteer. Maar in black metal weet je van te voren waar je aan begint. In house en afgeleiden ligt dit veel moeilijker. Dat heeft te maken met de oorsprong van house als een thuis/bescherming voor iedereen, een veilige haven, hoe tijdelijk, die voor minderheden in Chicago van groot belang was. ‘My House’ (1988) van Fingers Inc was en is nog steeds het statement:
Dit idee van universele acceptatie werd in Europa een aantal jaren, met als motor ecstasy, voortgezet als de knuffelutopie van acid en rave. Na 1991 volgde het uiteenvallen van de eenheid in verschillende subgenres die sindsdien zijn geëvolueerd en hun eigen kenmerken vormen, met daarbij horende (vaak onbewuste) sociale uitsluitingsmechanismen. In Duitsland is er altijd een potentieel geweest om van house een lokale volksmuziek te maken en de beruchte woorden van Mark Spoon op MTV (“the blacks have their hip hop and us whites have our techno”) gaven op botte wijze een breuk weer die met een aantal andere ontwikkelingen dansmuziek steeds minder aantrekkelijk hebben gemaakt en uiteindelijk types als Konstantin voortbrengen, een soort kinderlijke dictators die een fantasiebubbel scheppen.
En toch, ik kan me niet voorstellen dat Ricardo Villalobos of de artiesten van Kompakt zulke uitspraken zouden doen. Wat is dan het verschil? Is die wat vale Duitse deephouse een inherent fout genre? En kun je sociaalpolitieke ideeën in muziek herkennen? Dat is een vraag die al meer dan eeuw speelt ten aanzien van Richard Wagner en de vraag of zijn antisemitisme doorsijpelt in zijn muziek. En zo niet, kun je met die wetenschap toch genieten van zijn muziek? Ik denk van wel, zoals Voyage au bout de la nuit uiteindelijk een klassieker van de literatuur is, zonder dat Céline’s politiek achtergrond hier ook maar iets aan kan veranderen. Hoe groter de artiest, hoe sterker zijn kunst zijn politieke beelden tenietdoet. Wat dat betreft is het een geluk dat Hitler een middelmatige schilder en schrijver was. Het is een interessant en waarschijnlijk onbehagelijk denkexperiment om je Hitler voor te stellen als een geniaal schilder, een Picasso die toch besluit om het politieke pad te kiezen*.
* Ik noem het voorbeeld niet toevallig. Hitler speelt een aparte rol in China Miéville's The Last Days of New Paris, een fascinerende novelle over politiek en kunst.
zondag 5 februari 2017
Stresstest 2017
Ik moet toegeven dat het presidentschap van Trump een echt een nieuw fenomeen is. Reagan lijkt bij nader inzien bijna competent, Nixon een professional. Hij produceert bijna moeiteloos een vreemde chaos waar je eigenlijk afstand van moet nemen om helder te kunnen blijven functioneren. De ene dag word je overmand door een ongekend onbehagen dat sinds het begin van de jaren tachtig niet meer is gevoeld en de volgende dag is de incompetentie zo lachwekkend dat je er van overtuigd raakt dat het nooit lang kan duren voordat hij instort. Hopelijk is het ook snel afgelopen want zoals gebruikelijk is het isolationisme weer een loze belofte gebleken en zitten de yanquis al bij een aantal landen opzichtig te zuigen. Ik vermoed steeds steker dat de chaos een soort strategie is van het ware team achter Trump dat een heel naar plan langzaam wil implementeren terwijl iedereen zich druk maakt over duffe tweets en uitgesproken leugens van zijn spreekbuizen (de nu al legendarische Bowling Green “massacre”, “clean” coal.) Ik gok dat de Republikeinse Partij vlug pakt wat er te pakken is aan wetgeving over wapens, deregulering voor banken, de Supreme Court benoeming en dan Trump laat vallen omdat zijn fascistoïde neigingen de basis van het Amerikaanse systeem ondermijnen. Een positieve interpretatie beschouwt dit alles als een stresstest van het systeem waar men uiteindelijk verder op kan bouwen (al zal de tweedeling nooit meer verdwijnen.)
Een continue Trump shitshow kan in ieder geval Europa goed uitkomen omdat ultrarechtse politici iets te enthousiast zijn geweest over de verkiezing van Trump en een deel van hun potentiële kiezers aan het twijfelen zou moeten brengen (een deel, want er zijn genoeg Europeanen die Trump wel zien zitten.) Het baart me ook enigszins zorgen dat men, in ons klein-Amerika, zich soms meer druk lijkt te maken over de dagelijkse nonsens aan de overkant van de oceaan dan het voorkomen van een verkiezingswinst door een veroordeelde xenofoob. En zo niet dan proberen televisiezenders er al een tijd een soort Amerikaans verkiezingscircus van te maken, met natuurlijk nul inhoud, voorgekookte oneliners, een reductie van deelnemende partijen en dat allemaal met krukkige mannetjespolitci waaronder een premier die eigenlijk het liefst wenst dat hij naast May het andere handje van Trump mag vasthouden.
Nu zijn de Nederlandse Tweede Kamerverkiezingen vooral belangrijk voor de sfeer in Nederland, een premier W. maakt het vooral ongezelliger. Belangrijker is vanzelfsprekend dat Frankrijk houdt. Een president Le Pen is het einde van de E.U. en dat leek tot voor kort een onmogelijke uitkomst totdat gedoodverfde winnaar Fillon op voorspelbare wijze corrupt bleek te zijn. Zou op zich geen verlies zijn want een fundamentalistische neoliberaal, maar of de andere kandidaten hem kunnen overvleugelen is nog maar de vraag (Hamon is zelfs bijna zoiets als een visionair maar kan nooit de vloek van Hollande in korte tijd opheffen.) Je ontkomt niet aan het gevoel dat we komende maanden als koorddansers moeten manoeuvreren. En het gemene is dat een enkele goed getimede terroristische aanslag elke hoop op een positieve afloop teniet zal doen. De doodsklap voor Clinton kwam door de streek van F.B.I. -baas Comey en ik ben niet zozeer bang voor IS, dat op zijn gat ligt en bezig is met overleven, maar voor een veiligheidsdienst die strategisch op het juiste moment de andere kant opkijkt of even geen informatie doorspeelt. Wanneer je met dat soort scenario's rekening moet houden lijkt democratie in de stijl van de 20ste eeuw zijn terminale fase in te gaan. Only the paranoid survive.
zaterdag 31 december 2016
2016: De Toekomst Hervonden
2016, het jaar dat de 21ste eeuw begon, of zich in volle glorie ontvouwde. Er was dit jaar een half pathetisch/half ironische neiging om 2016 als een soort Magere Hein te personificeren die allerlei beroemdheden vermoordde. Vanzelfsprekend bestaat hier een rationele verklaring voor. Popcultuur explodeerde in de jaren zestig en veel artiesten en sterren van die generatie raken op leeftijd. Aangezien de levensstijl van dit gilde over het algemeen niet het gezondste is geweest zullen de komende jaren nog veel meer volgen. Maar zelfs zonder excessen is duidelijk dat een leven als artiest het lichaam op soms onvoorziene manieren sloopt. Of het nu Prince is die aan chronische heuppijn leed door jaren lang op hoge hakken op te treden of dj’s die in een permanente jetlag leven en jarenlang in rokerige zalen hebben gedraaid. En die opoffering voor de kunst heeft natuurlijk zijn romantische charme.
2016 voelde als de slang die vervelt en zijn oude huid achter laat. In culturele zin is een proces van afsluiting begonnen, reden waarom retromania opeens lijkt te verdampen. In minder macabere zin was het ergens een opluchting dat Bob Dylan de Nobelprijs van de Literatuur kreeg. De triomf waar een groot deel van zijn generatie jarenlang naar smachtte. Maar met de ultieme blijk van goedkeuring wordt dit culturele moment definitief onderdeel van het establishment. Het was dan ook perfect dat Patti Smith, de museumdirectrice van rock ‘n’ roll, de prijs voor Dylan in ontvangst nam. Bevrijd kan de popcultuur verder uitdijen zonder ooit de kracht van die originele explosie te evenaren.
Maatschappelijk is eenzelfde vervelling gaande waar lastig grip op is te krijgen. Rationeel observerend zie je de verandering gebeuren, een trage ontmanteling van een stelsel van democratie, welvaartsstaat en natiestaat door onhoudbare globalisering en technologisering. Dit heeft bepaalde processen in gang gezet die niet te stuiten lijken: het concept van democratie is blijkbaar zo zwak dat het geen alternatief kan verzinnen voor een vrijwillige metamorfose naar een controlestaat die xenofobie gretig kanaliseert. Je weet het, je voelt het, maar in je dagelijkse realiteit blijf je er in West-Europa weinig van merken. Blijft dat zo? Of komt de klap des te harder, op een semi-onvoorspelbare manier?
Ik spreek niet graag over een Derde Wereldoorlog omdat ons altijd werd geleerd dat die het einde van alles betekende. En een oorlog van dat kaliber hoop ik toch niet mee te maken. Maar als je eerlijk bent is op een ander niveau iets veel geniepiger aan de hand, een soort permanente ambient oorlog die net buiten het gezichtsveld, het Europese continent, plaatsvindt maar waar de gevolgen alleen indirect voelbaar zijn in de vorm van vluchtelingen (waar over het algemeen onmenselijk, een ongewilde abstractie, mee wordt omgegaan.) En er woedt zonder twijfel een Koude Oorlog 2.0 waar moeilijk de contouren van zijn te ontwaren, half bluf en mystificatie, maar aan de andere kant met een mogelijk reële invloed op verkiezingen. Overigens een manier van oorlogvoeren die iedereen met een vooruitziende blik al minstens 30 jaar geleden had kunnen zien aankomen terwijl overheden straaljagers bleven kopen. Het leger gebaseerd op principes uit de 20ste eeuw lijkt net zo onthand als ruiters die aan het begin van de Eerste Wereldoorlog opeens geconfronteerd werden met mitrailleurs. Maar in plaats van de militair te hervormen naar een informatiespecialist keert het leger naar binnen toe om in steeds meer landen (Verenigde Staten, Frankrijk en Turkije) een synthese of vervanging te vormen van de politiemacht. Inderdaad een van de hoekstenen van fascisme.
Het is lastig om nog tegenkrachten te vinden. In parlementaire democratieën is bijna elk alternatief of verschil platgewalst door de neoliberale consensus. Burgers die veranderingen willen doorvoeren weten dat ze gerichte projecten moeten organiseren en zelf initiatief dienen te nemen om bureaucratieën te breken. De ergste excessen op collectief niveau worden alleen nog tegengehouden in de rechtszaal en je kunt je afvragen hoe lang het duurt voordat het mandaat van het Europese Hof voor de Rechten van de Mens wordt teruggedrongen (een van de meest gehate instituties door populisten en nationalisten: wees op je hoede als je de term 'activistische juristen' hoort.)
De vierde macht, journalistiek, is vrijwel compleet geërodeerd doordat het niet adequaat kon omgaan met digitale technologie. De zonde van de journalistiek is dat het is meegegaan in het digitale verdienmodel van de klik. De klik die leeft bij gratie van schandaal, beroemdheid, irritatie, woede, meningen. Populistische politici weten als geen ander de klik te gebruiken. Het zijn trollen die een nieuwe generatie journalist, niet meer wezenlijk geïnteresseerd in feiten of controle van macht, onweerstaanbaar vindt en waar goedwillenden op social media steeds maar in blijven trappen door te reageren terwijl daardoor de boodschap verspreidt. In Nederland zijn een handvol journalisten er nu ten aanzien van Wilders achtergekomen, worden de mechanismen in kaart gebracht, maar natuurlijk jaren te laat.
Gaan we dan een hopeloze periode tegemoet? In zekere zin hoeft dat helemaal niet, al zullen de gevolgen van klimaatverandering er de komende decennia in blijven hakken. Nog steeds leven we in een mogelijke transitieperiode naar een nieuw soort levensverbanden waarin de mens op diverse manieren met digitale informatie en nieuwe artificiële levensvormen zal omgaan. Langzaam begint de dagelijkse realiteit te veranderen, nu nog op vaak knullige wijze maar ongetwijfeld zal dit steeds geavanceerder worden. In die vergaande digitalisering ligt een verlies van autonomie verscholen, want we worden steeds meer onderdeel van digitale netwerken waaraan we beslissingen delegeren of afhankelijk van worden (hoe voel je je wanneer internet tijdelijk uitvalt?) Maar wellicht zal dit ook een verlies van psychische autonomie inhouden, een vorm van egoverlies die niet ongunstig hoeft uit te pakken.
De laatste tijd heb ik me weer meer verdiept in de natuurwetenschappen, een wereld van ultrakorte en onvoorstelbaar lange tijdspannen, met een aanstekelijke positieve blik, gedreven door nieuwsgierigheid en fantasie. Een wereld ook waar men fundamentele inzichten kritisch ondervraagt en bijvoorbeeld theorieën van Einstein aan het wankelen worden gebracht. Een wereld die zijn puriteinen kent en ook niet immuun is voor de verrottende invloed van geld en hypes maar in wezen naar voren kijkt en niet bang is. Het recept tegen negativisme en het feitenvrije klimaat dat politiek en media heeft gecreëerd (Forbes is verrassend genoeg een hele goede bron voor toegankelijke wetenschapsartikelen.)
*
Het afgelopen jaar was op persoonlijk niveau vreemd maar buitengewoon positief van aard. Ik kreeg de kans om het bestaan als freelancer achter me te laten net toen ik mijn laatste boek had gepubliceerd, wat mij meer rust gaf en minder tijd voor vrije associatie. Hierdoor kon ik onvermijdelijk minder aandacht besteden aan De Toekomst Hervonden. Vreemd genoeg begonnen na de zomer de bezoekersaantallen enorm toe te nemen, wat de cynicus in mij vooral wijt aan een, mij verder onbekende, verandering bij Google. December is zelf de meest populaire maand ooit geweest. Dan verschijnt al snel bij mij het idee om te stoppen op een hoogtepunt. Zoals De Jeugd van Tegenwoordig en De Zijlijn bovendien observeerde: iedereen heeft tegenwoordig een mening. Dan voelt je eigen bijdrage snel nutteloos. Maar al zal de frequentie van schrijven minder worden, wil ik het blog toch open houden, een kanaal waar ik bepaalde ideeën kwijt kan, de hopelijk positieve kanten van de 21ste eeuw.
vrijdag 11 november 2016
De Toekomst van Amerika (remix)
Ik geef eerlijk toe dat ik nooit in een presidentschap van Trump heb geloofd. Dat hij het uiteindelijk voor elkaar heeft gekregen is dankzij een soort ‘perfect storm’ van uiteenlopende factoren, van onverwachte demografische groepen die op hem stemden, onkunde, tot vreemde allianties die hem een handje hielpen. Achteraf lijkt het allemaal bijna logisch. Hoe dan ook, de Verenigde Staten krijgt de president die het verdient, een zelfgenoegzame, decadente, schreeuwlelijk. De ultieme president, meer dan nog dan Reagan, een die sciencefictionschrijvers als decennia lang aan zagen komen (naast een enkele denker als Richard Rorty), een reality tv-ster en merk, de fantasie van een geslaagde zakenman. In die zin is Trump de ware anti-retro president.
Wat te verwachten van vier jaar Trump? Zijn ideeën waren meestal zo vaag, niet meer dan geïmproviseerde slogans en onzin als “the cyber” dat het alle kanten op kan gaan. Obama’s paranoia heeft het grondwerk gelegd voor een politiestaat die nog niet zijn volledige kracht heeft laten zien en komt nu in handen van een onberekenbare persoonlijkheid. Trump gaat natuurlijk ook aan de leidraad van Wall Street lopen en zal zelf waarschijnlijk het Transatlantische Handelsakkoord tekenen zodra hij is bijgepraat (op gênante wijze smeekten E.U.-leiders hem vrijwel direct om te tekenen.) Ik hoop dat hij zijn isolationisme wel waarmaakt, maar Dubya kon dat ook niet langer dan een jaar volhouden. Het zou wel rustgevend zijn, zeker als Poetin niet steeds, zoals door Obama, in zijn ballen wordt geprikt. Wat Trump persoonlijk hierover gelooft maakt niet zoveel uit. De Deep State opereert bijna onafhankelijk en kan op elk moment besluiten provocaties te orkestreren om een nieuwe Vietnam-oorlog of ander desastreus avontuur te ontketenen. Dat het land zichzelf vervolgens vervuilt, koppig een anti-klimaatverandering punt wil maken is dan fijn theater en ik hoop nog een keer mee te maken dat Florida onderloopt.
Maar ik denk dat Trump vooral een symbolische rol zal spelen. Hij zal zich snel vervelen door het saaie leven in Washington en zelf gaan golfen terwijl hij de bureaucratische rotklussen delegeert naar zijn inner circle onder leiding van de enge evangelist Mike Pence (rechtstreeks uit een Stephen King roman gestapt.) En zoals het er naar uitziet zullen dat verschrikkelijke figuren zijn die waarschijnlijk veertig jaar aan trage vooruitgang willen proberen weg te vagen. Hoe dat gaat uitpakken is onduidelijk maar de fictie van Robert Silverberg, Norman Spinrad, Philip K, Dick, James Blish en met name John Brunner heeft genoeg scenario’s aangedragen. Zoals eerder dit jaar met het Verenigd Koninkrijk voel ik vooral opluchting dat ik daar niet woon (wellicht niet te vroeg juichen met onze xenofobe variant van Guus Geluk in de wachtkamer.)
Want wat betekent het voor mezelf: vooral een zeer grote behoefte om het (hypothetische) isolationisme te accepteren en de Amerikaanse desinteresse voor de rest van de wereld terug te kaatsen. De Amerikaanse hyperrealiteit is saai en grimmig geworden. Maar dat afzweren zal nog een flinke klus blijken te zijn. Vanwege mijn werk al, maar ook hoe informatiestromen zich in je leven nestelen, je ontkomt er niet aan. En al helemaal niet in Nederland, dat volstrekt geobsedeerd lijkt door Amerika. Eigenlijk is alleen een offline leven de enige optie...en om veilig te zijn moet je ook verhuizen naar een land buiten Europa. Vooral wachtend op het moment dat de mens zich bevrijdt van de Aarde.
woensdag 19 oktober 2016
“Angry people click more.”
Een nieuwe Adam Curtis documentaire is inmiddels een evenement, in de hedendaagse stijl, dat wil zeggen dat het vrijwel compleet buiten oude media om speelt en online binnen netwerken voor opwinding zorgt. Curtis werkt nog steeds voor de BBC maar heeft gekozen voor de vrijheid van online documentaires in plaats van nette driedelige televisieprogramma’s. Je kunt je overigens afvragen of die beperking niet gedisciplineerder werk opleverde, zoals zijn meesterwerk The Power of Nightmares dat een elegant argument op twee sporen opzette met opzienbare conclusies als resultaat. HyperNormalisation heeft een vrijere opzet, waar in kleine essays ideeën worden gelanceerd, gedachten die niet lijken te worden afgemaakt om vervolgens weer te worden opgepikt. Maar uiteindelijk is er geen grote openbaring maar vooral een gevoel. En dat is niet blijdschap.
Curtis kent stilistisch geen gelijke. Niemand heeft een dergelijke grip op de intensiteiten van visuele media, weet het pathos van het beeld op te roepen. De meest mediagenieke politici verworden tot weifelende personages doordat Curtis net die beelden weet te vinden voor en na de performance. Nachtsteden glijden aan de kijker voorbij, een catalogus aan gruwelijke explosies wordt opgedoken naast bizarre alledaagse taferelen. Dit allemaal gegoten in een foutloze soundtrack met onder andere muziek van Aphex Twin, Burial, Suicide en Eno. De films van Curtis zijn gewoon heel goed gemaakt.
Maar wat betekent het allemaal? De standaardkritiek, niet van rechts dat Curtis niet kan uitstaan omdat hij keer op keer neoconservatieve mythes ridiculiseert, maar van links, is dat zijn hypnotiserende mooifilmerij geen gedegen analyse biedt, laat staan oplossingen. Dat is een opzichtig verkeerde lezing, een soort puriteins marxisme. Curtis opereert namelijk in een vreemde zone, tussen politiek pamflet, mediamythologie, feit en fictie in. En daar is hij volstrekt eerlijk in. Zijn documentaires beginnen immers steevast met een zin als “This is a story about...” Hij is een nieuw soort verhalenverteller, met bepaalde tics (ook hier weer echte Curtis-draaien als “But instead they came up with a different solution.” of “But it turned out to be something much darker.”) en ook met veel geduld, hier met name ten opzichte van de figuur Trump die steeds heel kort verschijnt maar zo wordt geportretteerd dat je alles weet wat je over hem hoeft te weten.
De meeste thesen van Curtis zijn overigens volkomen correct, een geësthetiseerde samenvatting van een paranoïde realisme waar het falen van politiek en een opkomende technologische samenleving de Westerse cultuur erodeert en een angstcultuur overblijft zonder enige realistische visie op de toekomst. Zonder tegenbeweging bovendien. HyperNormalisation is soms erg grappig, vooral de rol van Gadaffi is ongelofelijk bizar, net als de brutaliteit van Poetin en zijn geniale adviseur Vladislav Surkov. Maar ook Gadaffi eindigt uiteindelijk dood op het asfalt. Het is allemaal nutteloos. De titel van de documentaire geeft al een beetje de voorzet maar het gevoel dat na bijna drie uur kijken overheerst is van een melancholiek cynisme dat erg doet denken aan Jean Baudrillard. Geen uitweg, geen hoop, alleen nog maar simulatie na simulatie. De toekomst verloren, keer op keer weer.
woensdag 16 maart 2016
Over denkbeeldige steden
Seeing how architecture can be used to oppress and exclude but also to subvert and resist is key to understanding the cities we inhabit, all over the world. Even where we do not face overt militarised areas, we face encroaching commercial and liminal spaces that alienate us from our own cities. In Ancient Greece, the word polis was used to refer to both the city and its inhabitants. A city consisting of endlessly spied-on consumers rather than citizens is a cruel forgery, however shiny and new. Yet this example is being actively pursued.Uit 'Imaginary cities — radical ideas' van Darran Anderson. Een mooi, uptempo artikel dat een aantal ideeën lanceert over het verbeelden van nieuwe steden. En daar wat belangrijke politieke observaties aan toevoegt. (Hopelijk snel hier meer over, het overlapt gedeeltelijk met een essay dat ik aan het voorbereiden ben.)
zondag 8 november 2015
Een uitstekende introductie van solarpunk
For a great many reasons (not least of which is the aging population), I don’t think we can count on mass movements taking to the streets to fix our problems. Instead we can build our solarpunk society in the places and moments that the state neglects — particularly in response to the climate disasters and black swan shocks that will punctuate the coming century. If we do this right, Solarpunk could be the philosophy of those who fill in the gaps, the aesthetic of the assemblies that coalesce where government fails to show up.'On the Political Dimensions of Solarpunk' van Andrew Dana Hudson is het beste essay over solarpunk dat ik tot nu toe heb gelezen. Uitgebreid, subtiel en met de juiste toon, ergens tussen hoop en realisme in. Het is denk ik ook de bron van de 'move quietly and plant things' slogan. Het is in ieder geval een essentiële tekst voor iedereen die geïnteresseerd is een praktisch futurisme dat zich bewust is van zowel esthetische als socio-economische dimensies.
Dat het solarpunk idee, op een haast instinctieve manier, zo goed voelt heeft mij een tijd verbaast. Maar na lezing van 'On the Political Dimensions of Solarpunk', met zijn gebruik van onder andere Sterlings "old people in big cities afraid of the sky" en Gibsons 'Jackpot', ben ik De Toekomst Hervonden gaan zien als een soort voorbereiding van solarpunk, het noodzakelijke sloopwerk van ruïnes. Aangezien de term toen ik het boek schreef nog niet bestond, vind je het er niet terug. Anders had ik het zonder twijfel in de conclusie gebruikt. Hoe dan ook, tijd om explicieter te worden over solarpunk in een groter werk (twijfel alleen of het fictie of non-fictie zal zijn.) Ondertussen laat ik in recente teksten hints achter: de DordtYart lezing, de laatste zin in 'Een klein futurisme' vanzelfsprekend, maar ook het einde van het Countrywear essay in From Tip to Toe met het visioen van tuinsteden. Ik zeg hier ook maar een keer: Junya Watanabe's 2012 excentrieke lente/zomercollectie is een vriendelijke blik in de nabije toekomst.
maandag 19 oktober 2015
Piketpaal 8: Systemisch
Mark Richardsons mooie artikel over 94Diskont van Oval deed mij in de platenkast zoeken naar hun bijna vergeten debuut Systemisch, waarmee techno een nieuw soort punk uitvond. Punk als methode van de breuk, niet als drie akkoorden, een leren jack en een hanenkam. Systemisch veroorzaakte in 1994 in kringen waar ambient en techno elkaar ontmoeten een sensatie. Oval nam het initiatief met een filosofisch-politieke praktijk, een gemis waar techno door oudere generaties vaak op werd afgerekend. Ik denk dat ze de kritiek van Oval niet hadden herkend. Oval laat namelijk de grote ideologische strijd van weleer terecht voor wat het is en richt zich op een kritiek van esthetiek en technologie zoals belichaamd door de compact disc. Door cd’s te beschadigen en de resultaten op te nemen probeerde de groep de kritiekloze acceptatie van digitale audio in twijfel te trekken:
Onvermijdelijk klinkt Systemisch inmiddels bijna conventioneel mooi. Oval wilde misschien geen muziek maken en trachtte destijds de aandacht af te leiden van de bronnen die ze gebruikten, maar de pracht van de muziek die uiteindelijk is ontstaan, valt alleen te herleiden tot hun gunstige bronnen (een Systemisch aan de hand van bijvoorbeeld Armin Van Buuren tracks maakt hetzelfde punt, maar zal nog steeds lelijk klinken.) Daarnaast lijkt de compact disc ingehaald door streaming (in sommige gebieden dan, in landen waar audiotechnologie hoog in aanzien staat—Duitsland en Japan—blijft de cd nog steeds oppermachtig.) Maar als statement is Systemisch onovertroffen, nog steeds worden de lessen van hun glitch toegepast in meer muzikale werken van Holly Herndon en Björk. Alleen het verlangen om een medium, een technologie, wezenlijk te bekritiseren is helaas afwezig (in muziek dan, in De Toekomst Hervonden wordt Oval genoemd als een van de voorlopers van New Aesthetic.)
Drie jaar later zeer verrassend terug te horen in deze vorm:
It's an effort in sound-design rather than music with a capital M. The main content of our effort is to have an audible user-interface. (in The Wire #146)Ik kocht Systemisch destijds in een soort pervers gebaar op dubbel-vinyl waardoor de twijfel over de werking van de cd-speler vanzelfsprekend werd weggenomen en Oval puur op muzikale intentie kon worden beluisterd. Want eigenlijk is Systemisch een verzameling radicale niet-geautoriseerde remixes, ‘Compact Disc’ gebruikt bijvoorbeeld vrij duidelijk 'Selected Ambient Works Vol.II cd2track2' van Aphex Twin als basismateriaal.
Onvermijdelijk klinkt Systemisch inmiddels bijna conventioneel mooi. Oval wilde misschien geen muziek maken en trachtte destijds de aandacht af te leiden van de bronnen die ze gebruikten, maar de pracht van de muziek die uiteindelijk is ontstaan, valt alleen te herleiden tot hun gunstige bronnen (een Systemisch aan de hand van bijvoorbeeld Armin Van Buuren tracks maakt hetzelfde punt, maar zal nog steeds lelijk klinken.) Daarnaast lijkt de compact disc ingehaald door streaming (in sommige gebieden dan, in landen waar audiotechnologie hoog in aanzien staat—Duitsland en Japan—blijft de cd nog steeds oppermachtig.) Maar als statement is Systemisch onovertroffen, nog steeds worden de lessen van hun glitch toegepast in meer muzikale werken van Holly Herndon en Björk. Alleen het verlangen om een medium, een technologie, wezenlijk te bekritiseren is helaas afwezig (in muziek dan, in De Toekomst Hervonden wordt Oval genoemd als een van de voorlopers van New Aesthetic.)
Drie jaar later zeer verrassend terug te horen in deze vorm:
vrijdag 4 juli 2014
Bestuur in de toekomst
In the future, I can imagine artificial intelligences taking on the role of delegates. The AI will learn your political preferences and priorities, and accordingly vote on your behalf. The trick to delegative democracy, of course, is ensuring that votes aren't passed on to a delegate through coercion, bribes, or other trickery.
George Dvorsky stelt voor io9 een mooie lijst op van twaalf vormen van mogelijk bestuur in de toekomst. Een veelzijdige keuze en tenzij het een van de universele systemen wordt (Democratische Wereldoverheid, AI Singleton of de spannende Noocratie) zal het waarschijnlijk uitlopen op een lappendeken van systemen. Overigens een van de belangrijkste vraagstukken van onze tijd omdat het militair-bureaucratisch-entertainmentsysteem niet is gemaakt voor veranderingen die nodig zijn (en zo niet eindigen we vanzelf in scenario 12.) In de tekst zijn veel links aangebracht voor extra leeswerk.
maandag 6 januari 2014
"We have been reading the same old books for too long."
Eindelijk toegekomen aan 'Cruise Control' van McKenzie Wark. Een fijn stuk over Accelerationisme, in korte observaties geschreven, dat een groot aantal hedendaagse problemen haarfijn analyseert. Kleine aanzetten die verder moeten worden uitgedacht.
08. By their rhetoric you shall know them. The talk these days is of disruption, creation, destruction. The old language of the avant gardes and revolutionaries is now the province of Silicon valley publicists. So we need a careful analysis of that language – and we need a new avant garde. Its clear that this is a commodity economy busy cannibalizing its own means of subsistence. It has run out of ideas. The task of the neo-liberal state is to destroy the social so that it may be commodified, even though this will result in less efficient and effective forms of organization. So: let there be iPads in the charter schools! The result will be less effective, and more expensive, which is of course the goal.
woensdag 14 augustus 2013
Terug naar de jaren '40?
Intrigerend artikel in The Guardian over nostalgici die de jaren '40 naspelen. De auteur Dorian Lynskey worstelt met de betekenis van het fenomeen en vooral de onderliggende politiek betekenis (verlangen naar een terugkeer van patriottisme? Of was het juist een vooruitstrevende tijd?) Die tastbaar wordt wanneer de SS'ers langskomen:
Nog even en Westworld (1973) wordt realiteit, het verlangen ernaar is in ieder geval uitgerold.
You could argue that a German presence is an uncomfortable but necessary reminder that it wasn't all Glenn Miller and nice hats. Nostalgia is selective and tends towards the positive, but sanitising the nastier elements of history can lead to dangerous sentimentality. "I do get a little bit cross with the rose‑tinting: 'it was the best time of our lives'," says Goodman. "I think it was pretty darn grim."
Nog even en Westworld (1973) wordt realiteit, het verlangen ernaar is in ieder geval uitgerold.
donderdag 20 juni 2013
In welke richting wijst Tomorrow's Harvest?
Ik ben geen echte Boards of Canada fanboy, zo iemand die
zich stort op geheime codes, elke synthesizer moet identificeren, etc. Meer een
liefhebber. Al hun albums betekenen veel voor mij, zijn compleet in mijn leven
vervlochten. Het zijn waarschijnlijk de platen die ik het meest draai, omdat ze
nooit vervelen, bijna bij elke beluistering een nieuw detail prijsgeven. Je
kunt je er in verliezen, bij werken, bij in slaap vallen. En tracks als
‘Olsen’, ‘Tears From The Compound Eye’, ‘The Beach at Redpoint’ behoren tot de
mooiste muziek die er bestaat. Daar zijn weer een verzameling nieuwe tracks
bijgekomen onder de prachtige noemer Tomorrow’s Harvest. Waar waren we
gebleven? Het permanent ondergewaardeerde The Camping Headphase uit 2005 was
een noodzakelijke zonnige plaat na het sinistere Geogaddi. We worden acht jaar
later wakker na het wonderbaarlijke ‘Farewell Fire’ (“we staarden trippend in
het smeulende kampvuur”)…in een andere wereld. Leeg, de zon schijnt maar
ondanks het zomerse licht is het niet warm. De stad lijkt verlaten.
In deze sfeer begint Tomorrow’s Harvest, onmiskenbaar een
nieuw album van Boards of Canada, maar toch, ondanks het gebruik van bepaalde
motieven, een plaat met een compleet eigen verhaal/energie. Een plaat ook waar
je gemakkelijk van kan houden ondanks een middenstuk waar ik na herhaaldelijke
beluistering de eerste week steeds de weg in kwijt raakte (het soort verdwalen
dat interessant is) dankzij twee slim gepositioneerde hypnotische tracks
(‘Split your Infinities’ en ‘Uritual’). Tomorrow’s Harvest voelt als een sterke
plaat. Dat wil zeggen: het vormt een krachtig artistiek statement,
zelfverzekerd en in totale controle van thematiek en geluid. Het eist een
prominente plaats op, in je leven, in de cultuur. Dit in tegenstelling tot de
gespeelde sterke plaat (zie valse profeet Kanye West) die binnen een paar weken in
de uitverkoopbakken is terug te vinden.
Ik heb het vermoeden dat Tomorrow’s Harvest een politieke
plaat is. Een unieke soort ambient politiek door gebruik van connotatie en gevoel in plaats van tekst en slogans. Een
blik op titels als ‘Reach for the Dead’, ‘Cold Earth’, ‘Sick Times’ en
‘Collapse’ doen een wereld in verval vermoeden. Eigenlijk hoef dat niet
verrassen want er is altijd een rode draad van ecologisch bewustzijn die
door het oeuvre van het duo loopt, een sceptische, licht bezorgde blik vanuit een
pastorale positie op de decadentie van de stadsmachine (bestudeer de hoes en
het wordt duidelijk dat de skyline van San Francisco over een foto van een
woestijnlandschap is geplakt. De geest van de stad?) Als er een breuk is met de
rest van het werk van Boards of Canada dan is het dat de kindertijd is
verlaten. Nostalgie, de term waar Boards of Canada steevast mee word
geassocieerd is op Tomorrow’s Harvest bijna totaal afwezig. Ingetogen, zonder grote
gebaren is de blik richting de toekomst verschoven. Een belangrijke en
noodzakelijke verschuiving, niet alleen voor Boards of Canada dat anders
was meegezogen in retromania, maar ook voor de luisteraar, het gevoel
dat zoiets als een toekomst je denkwereld instroomt. Een onzekere toekomst
zoveel is zeker, al heeft een late titel als ‘New Seeds’ iets hoopvols. Het
ambivalente einde doet je afvragen welke bloemen hier uit zullen bloeien. De
comebacks van 2013 voelen immers niet als afsluitende hoofdstukken.
maandag 17 juni 2013
Techniek, nostalgie, politiek
I believe that much of the weak commentary on the New Aesthetic is a direct result of a weak technological literacy in the arts, and the critical discourse that springs from it. It is also representative of a far wider critical and popular failure to engage fully with technology in its construction, operation and affect. Since at least the introduction of the VCR – perhaps the first truly domesticated computational object – it seems there has been a concerted, societal rejection of technical understanding, wherein the attitude that “I don’t understand this and therefore don’t like this and therefore I will not investigate this” is ascendant and lauded. This attitude manifests in the low-level Luddite response to almost every technical innovation; in the stigmatisation of geek culture and interests, academic and recreational; in the managerial culture of economic government – and in the elevation of sleek, black-box corporate-controlled objects, platforms and services, from the iPhone to the SUV, over open-source, hackable, comprehensible and shareable alternatives. This wilful anti-technicalism, which is a form of anti-intellectualism, mirrors the present cultural obsession with nostalgia, retro and vintage which was one of the spurs for the entire New Aesthetic project; it is boring, and we reject it.
Over New Aesthetic zal ik nog uitgebreid terugkomen in De Toekomst Hervonden maar 'The New Aesthetic and its Politics' kaart op diverse niveaus belangrijke vraagstukken aan.
vrijdag 14 juni 2013
The Age of Plunder
We are inundated by images from the past, swamped by the nostalgia that is splattered all over Thatcherite Britain. Everywhere you turn, you trip over it: films, television series of varying quality, clothes, wars, ideologies, design, desires, pop records. A few more examples, to make your hair really curl: the Falkland War - so Empire, so Forties war movie; Brideshead Revisited and A Kind of Loving, two Granada serials that looked at the Twenties and the Fifties respectively through rose-coloured glasses with the design departments having a field day with all this 'period' nonsense.
(...)
Craving for novelty may well end in barbarism but this nostalgia transcends any healthy respect for the past: it is a disease all the more sinister because unrecognised and, finally, an explicit device for the reinforcement and success of the New Right.
Jon Savage - The Age of Plunder (The Face, Januari 1983)
Wanneer je je in de materie verdiept wordt steeds duidelijker dat in de jaren '80 een soort proto-retromania problematiek is geformuleerd, en dan moest het echte offensief -de Levi's en wit shirt met soul classics ideologie- nog worden ingezet. Acid house heeft deze eerste fase van retromania overspoeld en we dachten dat de toekomst nu frictieloos zou blijven doorrollen. Helaas. Het tijdperk van plundering dat Savage analyseerde is nog veel complexer en met grotere kracht teruggekeerd. Maar eigenlijk is de vraag die overblijft: is retromania zo stevig verankerd dat nu echt geen volgende futuristische fase meer de kans krijgt om het te overstijgen? Daar lijkt het soms misschien op maar uiteindelijk zal het breken. Die vernieuwing zal dan zo krachtig zijn dat de veranderingen over de gehele maatschappelijke linie voelbaar zullen zijn. Het zal het moment zijn dat je denkt: nu is de 21ste eeuw echt begonnen.
Abonneren op:
Posts (Atom)