Mastodon designing futures where nothing will occur
Posts tonen met het label 2014. Alle posts tonen
Posts tonen met het label 2014. Alle posts tonen

vrijdag 13 november 2015

De nieuwe utopisten en de keerzijde (leestips)

Robinson’s attempt to keep the flame of Utopia alive in a despairing era has made him a lonely figure. But suddenly, in the last few years, a new literary genre has emerged that hopes to revive ecological utopianism. Rallying under the banner “solarpunk,” a ragtag band of freelance futurists and science fiction writers have argued that we have an obligation to imagine positive futures where plausible technologies give us practical green solutions.
Uit 'The New Utopians', een lang artikel van Jeet Heer in The New Republic. In zekere zin gaat het over het oeuvre van schrijver Kim Stanley Robinson (niet bij te houden die man.) Maar de laatste alinea's zijn een handige introductie van solarpunk.

Aan de andere kant van het spectrum, een ander favoriet onderwerp van dit blog: Detroit. Ben Paynter schrijft voor het toch al interessante Los Angeles Review of Books een lange recensie over Beautiful Terrible Ruins : Detroit and the Anxiety of Decline van Dora Apel:
As the title of her work indicates, Apel’s thesis is that “the anxiety of decline feeds an enormous appetite for ruin imagery.” Not stopping there, though, she qualifies: “But it matters whether we understand ruination as historically inevitable, the fault of its own victims, or as the result of industrial disinvestment and capitalist globalization.” The industry of “ruin imagery” has to be better understood, the possibility of an underlying “anxiety of decline” has to be explored, and the role of “capitalist globalization” has to be disambiguated.

zondag 8 november 2015

Een uitstekende introductie van solarpunk

For a great many reasons (not least of which is the aging population), I don’t think we can count on mass movements taking to the streets to fix our problems. Instead we can build our solarpunk society in the places and moments that the state neglects — particularly in response to the climate disasters and black swan shocks that will punctuate the coming century. If we do this right, Solarpunk could be the philosophy of those who fill in the gaps, the aesthetic of the assemblies that coalesce where government fails to show up.
'On the Political Dimensions of Solarpunk' van Andrew Dana Hudson is het beste essay over solarpunk dat ik tot nu toe heb gelezen. Uitgebreid, subtiel en met de juiste toon, ergens tussen hoop en realisme in. Het is denk ik ook de bron van de 'move quietly and plant things' slogan. Het is in ieder geval een essentiële tekst voor iedereen die geïnteresseerd is een praktisch futurisme dat zich bewust is van zowel esthetische als socio-economische dimensies.

Dat het solarpunk idee, op een haast instinctieve manier, zo goed voelt heeft mij een tijd verbaast. Maar na lezing van 'On the Political Dimensions of Solarpunk', met zijn gebruik van onder andere Sterlings "old people in big cities afraid of the sky" en Gibsons 'Jackpot', ben ik De Toekomst Hervonden gaan zien als een soort voorbereiding van solarpunk, het noodzakelijke sloopwerk van ruïnes. Aangezien de term toen ik het boek schreef nog niet bestond, vind je het er niet terug. Anders had ik het zonder twijfel in de conclusie gebruikt. Hoe dan ook, tijd om explicieter te worden over solarpunk in een groter werk (twijfel alleen of het fictie of non-fictie zal zijn.) Ondertussen laat ik in recente teksten hints achter: de DordtYart lezing, de laatste zin in 'Een klein futurisme' vanzelfsprekend, maar ook het einde van het Countrywear essay in From Tip to Toe met het visioen van tuinsteden. Ik zeg hier ook maar een keer: Junya Watanabe's 2012 excentrieke lente/zomercollectie is een vriendelijke blik in de nabije toekomst.

maandag 2 november 2015

Een klein futurisme


Op de website van het kunsttijdschrift Metropolis M is mijn antwoord te vinden op een eerder gepubliceerde brief van Stijn Verhoeff en de reactie van Jelle Bouwhuis. Onderwerp: de toekomst en beeldende kunst. 'Een klein futurisme' is een soort geconcentreerde versie van De Toekomst Hervonden voor de beeldende kunstenaar. Het viel me tijdens het schrijven wel op hoe makkelijk het was om nieuwe voorbeelden aan te dragen om het argument kracht bij te zetten (in zekere zin hier al grotendeels verzameld.)

zondag 25 oktober 2015

Joris Voorn - Fabric 83: techno voor een volwassen wereld


Mike Banks de introductie van ‘Amazon’ zien spelen in 1992 deed onvermijdelijk de vraag stellen: wat houdt nieuwere generaties tegen om zulke grote gebaren te maken? Zijn de combinaties van noten opgeraakt? Is de cultuur waarin ‘Amazon’ werd bedacht verzadigd? Durft men het niet uit angst voor ridiculisering? Of heeft men de capaciteit gewoonweg niet? In zekere zin is de zo in dubstep/EDM zo gliefde drop ook een groot gebaar, maar het is mechanisch, het equivalent van een doorgetrainde, in doping gemarineerde, bovenarm spannen. Bovendien is het lelijk. Een alternatief antwoord is, denk ik, al een aantal jaren: diepte. Een lastig te omschrijven kwaliteit. Diepte is een subtiel gebaar, je herkent het in de fantasierijke Donato Dozzy mixen van een aantal jaren terug (met als hoogtepunt mnml ssgs 39.) En in het ambitieuze Balance 14 (2009) van Joris Voorn dat dit jaar zoiets als een opvolger kende in de vorm van de 83ste editie van de Fabric mixserie waarop hij weer een groot aantal fragmenten van tracks inzet om met behulp van Ableton Live zoiets als de perfecte technomix te maken.

Waar zou een perfecte technomix aan moeten voldoen? De mix moet worden voortgedreven door ritme of puls. De muziek ademt vooral een melancholische sfeer uit. Een futuristische associatie is op minstens een niveau aanwezig (albumhoes, samples, techniek.) Aan deze drie voorwaarden voldoet Fabric 83 zeker. Maar er moet iets meer zijn: de mix dient in eerst instantie te verwonderen. Dit gebeurt hier halverwege wanneer Voorn verrassend de riff van jungleklassieker ‘Shadow Boxing’ gebruikt als breekpunt. Losgeweekt van het originele ritme klinkt de melodie als plots opdoemende stormwolken waar zwarte regen uit begint te vallen. Het vormt de ingang tot een elegante geluidswereld die zijn gelijke op het moment niet kent. Voorn is vrijwel een eenling in zijn methode—een perfectionering van Hawtins vaak abstracte digimixen—waarbij je vermoedt dat veel van zijn collega’s te lui zijn, of gewoon niet over het gehoor beschikken, om een dergelijke mix te bouwen.

Voorn is als DJ een soort schakel tussen klassieke techno en de digitale wereld. Een schakelpositie die hij op Fabric 83 trouw blijft. De mix gebruikt genoeg obscure nieuwe tracks en remixes, maar ze worden duidelijk verankerd in de drie-eenheid Plastikman/Basic Channel/Underground Resistance (hier Robert Hood) die nog steeds gemijnd kan worden voor nieuwe inzichten. Nu ik dit opschrijf, vraag ik me af of die fundamenten niet uiteindelijk moeten worden verlaten? Misschien is Voorn er al op subtiele wijze mee bezig, verzinken de pijlers langzaam in een frisse stroom techno.

Fabric 83 is ook een mix die op zoek is naar een toekomstige praktijk, want met een club vol dansende mensen heeft de muziek weinig meer te maken. Op dit moment doet het dienst als buitengewone automuziek: de mix als leidraad door de nacht, net genoeg puls om in te verzinken maar steeds aangevuld met kleine veranderende details om de aandacht te laten verspringen in een samenspel met de voorbijschietende lichten. Over een aantal decennia zullen een aantal opiaten—hoe natuurlijker, hoe makkelijker—legaal zijn. Ironisch genoeg zal de auto-ervaring steeds meer aan betekenis gaan verliezen. Fabric 83 hint (net als Dependent & Happy van Villalobos) naar een ander gebruik van muziek in een volwassen maatschappij. Een zwevende, vederlichte luisterervaring, waarbij een suggestie van een superieure glimlach op het gelaat verschijnt.

maandag 19 oktober 2015

Piketpaal 8: Systemisch

Mark Richardsons mooie artikel over 94Diskont van Oval deed mij in de platenkast zoeken naar hun bijna vergeten debuut Systemisch, waarmee techno een nieuw soort punk uitvond. Punk als methode van de breuk, niet als drie akkoorden, een leren jack en een hanenkam. Systemisch veroorzaakte in 1994 in kringen waar ambient en techno elkaar ontmoeten een sensatie. Oval nam het initiatief met een filosofisch-politieke praktijk, een gemis waar techno door oudere generaties vaak op werd afgerekend. Ik denk dat ze de kritiek van Oval niet hadden herkend. Oval laat namelijk de grote ideologische strijd van weleer terecht voor wat het is en richt zich op een kritiek van esthetiek en technologie zoals belichaamd door de compact disc. Door cd’s te beschadigen en de resultaten op te nemen probeerde de groep de kritiekloze acceptatie van digitale audio in twijfel te trekken:
It's an effort in sound-design rather than music with a capital M. The main content of our effort is to have an audible user-interface. (in The Wire #146)
Ik kocht Systemisch destijds in een soort pervers gebaar op dubbel-vinyl waardoor de twijfel over de werking van de cd-speler vanzelfsprekend werd weggenomen en Oval puur op muzikale intentie kon worden beluisterd. Want eigenlijk is Systemisch een verzameling radicale niet-geautoriseerde remixes, ‘Compact Disc’ gebruikt bijvoorbeeld vrij duidelijk 'Selected Ambient Works Vol.II cd2track2' van Aphex Twin als basismateriaal.

Onvermijdelijk klinkt Systemisch inmiddels bijna conventioneel mooi. Oval wilde misschien geen muziek maken en trachtte destijds de aandacht af te leiden van de bronnen die ze gebruikten, maar de pracht van de muziek die uiteindelijk is ontstaan, valt alleen te herleiden tot hun gunstige bronnen (een Systemisch aan de hand van bijvoorbeeld Armin Van Buuren tracks maakt hetzelfde punt, maar zal nog steeds lelijk klinken.) Daarnaast lijkt de compact disc ingehaald door streaming (in sommige gebieden dan, in landen waar audiotechnologie hoog in aanzien staat—Duitsland en Japan—blijft de cd nog steeds oppermachtig.) Maar als statement is Systemisch onovertroffen, nog steeds worden de lessen van hun glitch toegepast in meer muzikale werken van Holly Herndon en Björk. Alleen het verlangen om een medium, een technologie, wezenlijk te bekritiseren is helaas afwezig (in muziek dan, in De Toekomst Hervonden wordt Oval genoemd als een van de voorlopers van New Aesthetic.)



 Drie jaar later zeer verrassend terug te horen in deze vorm:

 

woensdag 14 oktober 2015

Maar Facebook zagen ze niet aankomen

Dit archeologische juweel kwam gisteren op twitter langs, een korte documentaire Public Transport over een street media event in Wenen (1992).


De jaren negentig in zijn meest pure vorm (relaxed en toch energiek, duister en toch optimistisch.) De mediatheorie is niet eens zo gek gezien, met die code-oorlog en data-guerilla's. Maar uiteindelijk ook een soort technoromantiek, niemand kon zich de Death Star Facebook voorstellen die opeens zou opdoemen. Hoe dan ook, de muziek...oh, de muziek...Underground Resistance op het toppunt van zijn kunnen met die scratches van Mills en de allesverzengende kracht van Banks' 'Amazon'-akkoorden. Techno als onweerlegbare waarheid. Stom dat we dat moment door de vingers hebben laten glippen.

zondag 11 oktober 2015

Is er nog leven voor betonpsychedelica?

Mooie introductie van het fotoproject Souvenir d'un Futur van Laurent Kronental (eigen website) waarin ouderen en hun leefomgeving van naoorlogse flatgebouwen in Parijs worden vastgelegd. Ik kan niet ontkomen aan de indruk dat ondanks een tijdelijke terugval van deze esthetiek (betonpsychedelica?) die resulteerde in een slechte naam (terwijl de inwoners vaak tevreden zijn) een renaissance niet lang op zich zal laten wachten aangezien de stadscentra de komende decennia zullen worden bezet door rijken en toeristen. Wellicht met de nodige verbeteringen: beton moet nooit zichtbaar zijn in massale woonomgevingen, structuren zullen een open karakter hebben (grotere ramen!), groener zijn, geïntegreerd met de winning van zonne-energie en een betere vervlechting met commerciële centra kennen (en vooral glasvezelkabels.) Kortom, de stad van solarpunks.

donderdag 8 oktober 2015

Handboek voor het heden

Het is onmogelijk om The Age of Earthquakes: A Guide to the Extreme Present van Shumon Basar, Douglas Coupland en Hans Ulrich Obrist te omschrijven zonder te verwijzen naar de invloedrijke samenwerking van mediatheoreticus Marshall McLuhan en illustrator Quentin Fiore in de jaren zestig: The Medium is the Massage: An Inventory of Effects (1967) en War and Peace in the Global Village (1968). Het boek heeft hetzelfde formaat en in wezen dezelfde opzet als zijn voorlopers. Het trio laat tekst op fraaie wijze door foto’s en illustraties lopen, waarbij vanzelfsprekend kwistig gebruik wordt gemaakt van webesthetiek. Je kunt je afvragen of het papieren boek nog wel het geschikte medium is voor dit soort projecten. Het ouderwetse Penguin logo geeft het boek ook een extra nostalgisch air. Maar de keuze is uiteindelijk de juiste. Een flashsite of app zou The Age of Earthquakes laten verdrinken in de digitale oceaan, een boek zorgt voor een juiste afstand. Je pakt het op, laat een van de ideeën op je inwerken en legt het weer weg.

De auteurs presenteren slogans, denkexperimenten, definities van porte-manteauwoorden en grappen die uiteindelijk zoiets als de huidige tijdgeest weten te vangen van absurde onzekerheid, waar weinig ruimte is voor illusies. Daarbij volgen ze hun grote voorbeeld maar gebruiken ze vooral zijn kracht: de slimme oneliner (wanneer McLuhan lange argumenten opzette, zakte hij vaak door het ijs.) Nu ken ik het werk van Basar en Obrist niet, maar je herkent in veel teksten de naïeve ironie van Coupland, bijvoorbeeld: “Knowing everything turns out to be slightly boring” of “Before the Internet we had a few memes a year.” Vanzelfsprekend is er geen conclusie in zicht. De auteurs flirten onvermijdelijk met de komst van de Singularity en het beeld van de toekomst dat voorzichtig wordt geschetst is er een van een radicaal andere mens in een verpauperde omgeving (“In the future everywhere will be Detroit.”) Waarheden zo licht als luchtvervuiling.

woensdag 23 september 2015

Knight of Cups: leven en film in de 21ste eeuw




Het gebeurt niet vaak dat ik de bioscoop uitloop, overmand door een welhaast extatisch gevoel dat ik de wereld met een frisse blik bekijk. Niet toevallig was de laatste keer na The Thin Red Line, Terrence Malicks comebackfilm uit 1998. En nu dus na zijn nieuwste film Knight of Cups. Ik smacht naar een essay als dat van Simon Critchley over The Thin Red Line (al maakt die analyse nog steeds veel duidelijk over de nieuwe film.) Dat zal nog op zich moeten laten wachten. Misschien moet ik het zelf doen, maar iets—behalve tijd—weerhoudt me er vooralsnog van: de persoonlijke reactie op Knight of Cups is precies dat: privé, een individuele taak.

Wat ik er in ieder geval wel over kwijt kan, is dat Knight of Cups heel nu is, in de wijze waarop het sommige vragen over liefde, authenticiteit, relaties, perceptie en kennis stelt. Omdat de film overvloeit met beelden—tijdens het kijken moest ik op een of ander manier aan De Aleph van Borges denken—is het lastig om er grip op te krijgen, maar Malick duikt dapper in de maalstroom van het leven van de 21ste eeuw waar “niemand meer om realiteit geeft.” Een van de mooiste momenten in de filmgeschiedenis is de aanval door de mist in The Thin Red Line en mist keert terug in Knight of Cups tijdens een desoriënterende clubscène, waardoor ik weet dat Malick precies weet waar het om gaat (dat Burial even later—of eerder—klinkt in een stripclub versterkt dat gevoel alleen maar.)

Daarnaast heeft Knight of Cups de juiste vorm voor een film in 2015. Geen plot, alleen intensiteiten. Naar het schijnt kreeg hoofdpersoon Christian Bale niet eens teksten aangeleverd, hoefde hij alleen maar te reageren. Het maakt ook niet uit, wat personages zeggen wordt vaak naar de achtergrond geduwd om plaats te maken voor de innerlijke monoloog of het web van muziek en geluidseffecten. Want Knight of Cups klinkt magistraal, de geluidswereld van de film vormt al een afzonderlijk meesterwerk. Een laatste gedachte die vooral opkwam tijdens de lange scène op een Hollywoodfeest (met Antonio Banderas in topvorm) is hoe het toch mogelijk is dat Malick zulke films voor elkaar krijgt? Is dat een nostalgie naar het avontuurlijke Hollywood van de jaren zeventig, waar Malick maar twee films maakte? Want het lijkt het er op dat acteurs (met het bijbehorende geld) in de rij staan om in zijn films te mogen spelen, alsof in een vreemd ritueel Hollywood zich door de films van Malick reinigt van de zonden, de geestdodende rotzooi, die het produceert.

zondag 20 september 2015

Literatuur in de 21ste eeuw?

Bret Easton Ellis had onlangs de auteur David Shields te gast in zijn podcast en het werd een zeer interessant gesprek over de roman in de 21ste eeuw. Shields neemt een zeer uitgesproken stelling in dat de literaire vorm zich moet aanpassen aan de technologische maatschappij en dat teveel romanschrijvers nog een 19de eeuwse vorm hanteren die krachteloos en absurd is (wat Ballard in wezen al in de jaren zestig propageerde.) Ellis gaat er een eind in mee, al heeft hij nog respect voor Bruce Wagner en Jonathan Franzen. Ik moet toegeven dat het ongeduld van Shields erg verfrissend is. De hoogste tijd om zijn Reality Hunger: A Manifesto te gaan lezen. In het gesprek hoort Shields Ellis uit met een paar namen van schrijvers (bijna allemaal vrouwen) die ik nog moet opschrijven, maar die ongetwijfeld interessant werk presenteren (de enige die ik heb onthouden is Selected Tweets van Tao Lin & Mira Gonzalez.*) Het is in ieder geval prettig om iemand tegen te komen die een uitweg probeert te formuleren voor een probleem waar ik zelf al een tijd mee worstel en dat zich manifesteert in een psychische blokkade wanneer het aankomt op het schrijven van fictie met de conventies die hiervoor nog gelden (alleen al de geestdodende "tenniswedstrijd" die dialogen vormen).

De podcast is hier te beluisteren. Wie de recente (en niet geheel onterechte) kritiek van Ellis op de heiligverklaring van David Foster Wallace heeft gelezen, kan de eerste 10-15 minuten overslaan want dat is de introductie van deze aflevering.

* Wat me er aan herinnerde dat een van de interessantste literaire teksten die ik de laatste jaren heb gelezen de verzameling tweets was van Bret Easton Ellis, waarin hij in een vlaag van inspiratie speelde met een vervolg op American Psycho en de ideeën hierover direct met zijn volgers deelde. Zo goed dat het daadwerkelijke boek niet eens meer geschreven hoefde te worden (realiseerde Ellis zich ook.) 

zondag 13 september 2015

Techno als Klassieke Muziek

 
Onlangs trad techno-dj Jeff Mills samen met het Noord Nederland orkest op in het Concertgebouw Amsterdam. En daarmee werd iets sneller dan ik had verwacht mijn visioen van techno in concertzalen gerealiseerd. Ik ken iemand die erbij was en die vond het geweldig. En de muziek van Underground Resistance kent zonder twijfel romantische invloeden. Maar ik kan het niet anders zien als een stap terug, dezelfde valkuil waar progrock intrapte door de status/grandeur van klassieke muziek te ambiëren. Het beeld dat ik ooit voor ogen had was van een concertgebouw vol oude ravers die luisteren naar techno, zonder de aanwezigheid van een orkest. Ik zag een grijsharige Carl Craig voor me die met machines Landcruising opnieuw interpreteert (Hawtin heeft met Ex in het Guggenheim een eerste stap richting dit model gezet.) Los van de sensuele ervaring om een keer techno te horen zoals gespeeld op akoestische instrumenten, kan ik geen enkele esthetische reden bedenken waarom dit een positieve ervaring is. De hele structuur, de betekenissen, zijn gericht op terugkijken, op een volstrekt vastgelegde cultuur, de zegen van het instituut. En geen enkele injectie van millsiaans futurisme gaat daar verandering in brengen. Je wilt ook niet dat een orkest de Blade Runner soundtrack uitvoert, je wilt een nieuwe film zien met een soundtrack die even radicaal is als die van Blade Runner.

Niet dat het samenwerken met klassiek getrainde musici totaal vruchteloos hoeft te zijn. Zie Aphex Twin en Krzysztof Penderecki:

 

Maar zelfs hier vraag ik me af hoeveel Aphex Twin daadwerkelijk toevoegt. Het is de muziek van Penderecki, als dwingende basis, die nog steeds fris klinkt (en in die zin zou techno dit kunnen mijnen voor ideeën.)

woensdag 9 september 2015

Een Nieuw Communisme?


Een scherpe Slavoj Žižek is de beste Žižek (kortom hij wordt niet afgeleid door gegoochel met films.) ‘The Non-Existence of Norway’ in London Review of Books heeft niet alleen een prachtige titel (hij wordt op wrange wijze uitgelegd) en een paar typisch žižekiaanse observaties (“To paraphrase Stalin, they are both worse.”) maar analyseert het huidige vluchtelingenprobleem op systematische wijze:
The new slavery is not confined to the suburbs of Shanghai, or Dubai, or Qatar. It is in our midst; we just don’t see it, or pretend not to see it. Sweated labour is a structural necessity of today’s global capitalism. Many of the refugees entering Europe will become part of its growing precarious workforce, in many cases at the expense of local workers, who react to the threat by joining the latest wave of anti-immigrant populism.
En hij durft daardoor met vergaande oplossingen te komen. De aflsuitende weet Žižek toch mee te verrassen. Wie weet? De diagnose is denk ik onvermijdelijk, maar het label voor de kuur moet nog aan gewerkt worden (het is toch het politieke equivalent van Buckler.) Los van het feit dat het neoliberale systeem zo strak in de sociale realiteit is vervlochten dat alleen een alexandriaanse hakbeweging het nog kan slechten. Aangezien het tijdperk van leiders met de toevoeging “de Grote” allang achter ons ligt, zal de scheur alleen door rampspoed teweeg gebracht kunnen worden. Op ruïnes groeien ook bloemen.

donderdag 3 september 2015

Een esthetische doorbraak?


Tijd om dit blog op te doeken? De gedachte flitste toch even door mijn hoofd toen ik het bericht las dat Rebekha Marine, een model met een arm-prothese, volgende week meeloopt tijdens de New York Fashion Week. In zekere zin geen complete verrassing, Helmut Newton heeft dit in wezen al jaren geleden voorspeld, maar dat was nog in zijn hoogst persoonlijke laboratorium van de fantasie. Dit lijkt een kleine maar belangrijke stap waar cyborg-theoretici lang van hebben gedroomd, een breuk met het natuurlijke lichaam, een opening naar een nieuwe esthetiek. Met een "verborgen" betekenislaag, want als ik me niet vergis (en gezien het werk van Newton, Ballard en Cronenberg hoeft het niet te verbazen) kanaliseert het een van fetisjen waar men bij voorkeur over zwijgt. Heel goed, het is de hoogste tijd om de dam waarmee het onderbewustzijn is gevangen weer te openen en het uitgedroogde landschap van het gedisciplineerde ego, met zijn frustraties, paranoia en beperkingen, te overspoelen. .

vrijdag 28 augustus 2015

De toekomst, gisteren, om de hoek

Een prachtig exemplaar van de BBC2 Trade Test Film, over het Evoluon. Ah, zoveel kinderlijke nieuwsgierigheid! En de muziek is ook niet mis.


Je vindt dit soort dingen niet door achteloos Evoluon in te tikken, alle eer naar Sonic Boom (ex-Spacemen 3) die er naar verwees in zijn hele prettige lijst met tien favoriete platen.

woensdag 26 augustus 2015

Een Zwarte President


Interessant interview met sciencefictionschrijver Samuel R. Delany, met daarin veel aandacht voor ras en identiteit. In het onderstaande citaat brengt hij de "zwarte president als sciencefiction voorspelling" ter sprake (die ik terloops in De Toekomst Hervonden aankaart.) Ik was helemaal vergeten dat dit idee in Camp Concentration zit (geweldig boek trouwens, 334 ook):

In 1967, when I first read Camp Concentration in its New Worlds serialization, after it had failed to find a US publisher, I can think of two things that were then inconceivable: The first is that 50 years later, we would have a black president. But by 2005, it was very thinkable. Morgan Freeman had played the current president of the United States in Deep Impact, with at least two other black actors representing the POTUS on various running series—so that, if anything, when Obama got in in ’08, today hindsight makes it look more inevitable than surprising.
And in the early ’70s [in “Angouleme,” from 334, published in 1972], Disch was the first science-fiction writer to conceive of gay marriage as lying in a foreseeable future. I wasn’t. I’d already worked through all my interest in marrying anyone and was pretty sure it was not an institution for me. I still am.
Verder is Obama meer een product van Harvard dan zwart. En zoals Thomas Pynchon laat opmerken in Gravity's Rainbow: "Harvard's there for other reasons. The "educating" part of it is just sort of a front."

Het interview sluit trouwens af met een prachtige anekdote. Dat boek moet ik dan ook herlezen, want die scène ben ik compleet vergeten.

maandag 17 augustus 2015

Kent Sri Lanka retromania?




Ik heb ongeveer in twee weken een jaar aan indrukken opgedaan. Met name het non-toeristische Jaffna in het noorden van Sri Lanka (voorheen Tamil Tijger gebied) bezit een authentieke charme. Maar laten terugkeren naar een specifiek thema: kent Sri Lanka retromania? Ik denk van niet en dat zorgt natuurlijk voor een bepaalde opluchting. Retromania is een van de vele structuren die je als Westerling voelt wegvallen wanneer je het land bezoekt. De rit van het vliegveld naar het eerste hotel vormde bijvoorbeeld een bijna hallucinerende rit langs een stad die leek te zijn gebouwd als een lint langs de weg, waar compleet andere verkeersregels gelden, een bizarre veelheid aan religieuze beelden staan opgesteld (inclusief katholieke heiligen). Europa wordt definitief op afstand gezet. En dat is mentaal en conceptueel zeer gezond.

De samenleving is compleet anders ingericht, met een grote rol voor religie (een circulair ritme van ritueel zonder progressie.) En niet onbelangrijk: de invloed van  Amerika is relatief klein, al kun je er Coca-Cola en Pepsi vinden (zelf hakken ze liever een kokosnoot open, is ook veel lekkerder.) Rusland en China worden vanwege hun steun in de burgeroorlog door een meerderheid vertrouwd en de auto’s zijn hoofdzakelijk van Japanse makelij (al is de in India geproduceerde Tuk Tuk een veel belangrijker vervoersmiddel.) De Westerse popcultuur is vrijwel afwezig buiten Colombo en er is in bredere zin weinig om nostalgisch over te doen: het directe verleden bestaat uit dertig jaar burgeroorlog waar niemand met weemoed aan terugdenkt. Sommige sporen van de oorlog—een geëxplodeerde watertoren, de verbrande bibliotheek van Jaffna—worden moedwillig, als herinnering, in stand gehouden. Nostalgie, als het bestaat, is geïmporteerd, de langzaam vervagende Britse nostalgie naar het Empire (en dan in de herinnering van een verdwijnende generatie.) Nog iets waar de zelfbewuste Sri Lankaan totaal niet naar terugverlangt, met uitzondering van cricket, het gesublimeerde Engelse, waar men zoals in zoveel ex-koloniën dol op is.

Ik had overigens zoiets als een muzikale openbaring toen ik met een ontbloot bovenlijf in een hindoetempel in Jaffna achter een groep gelovigen aansjokte die door een priester van nis naar nis werden geleid. Eerst dacht ik dat de muziek van tape klonk, maar nadat we het circuit hadden volbracht, bleek het door een priester met een trommel en twee jongelingen op lange trompetten te worden gespeeld. De mooiste muziek die ik jaren heb gehoord, zoiets als Coltrane’s einddroom, eindelijk bevrijd van toonladders. Knetter hypnotiserend. Helemaal af, ongetwijfeld al eeuwen lang.

maandag 3 augustus 2015

Hippie modernisme

Helaas ben ik voorlopig niet in de buurt van Minneapolis, want de tentoonstelling Hippie Modernism: The Struggle for Utopia in het Walker Art Center klinkt precies als mijn ding. Fast Company heeft een interessant interview met de curator Andrew Blauvelt waarin een aantal De Toekomst Hervonden riffs terugkeren.

What I argue is that there are functional through-lines. Almost every significant and different thing that I can think of today is somehow tied back to this period. The conservative values of the 1970s and 1980s rewrote the 1960s as a kind of failure, but it depends on when you want to decide failure happens. If you examine this historic moment today, it seems like less of a failure. A lot of the concepts and ideas have in fact changed the way we think about things.
Wordt ook een mooi proto-Solar Punk project aangehaald. Maar ergens geeft het voorbeeld dat hij aanhaalt - Info Gonks van Archigram als voorloper van Google Glass - heel precies het verschil tussen beide tijdperken aan.

zondag 19 juli 2015

De Toekomst van Europa II: de nabespreking

Je kunt in ieder geval concluderen dat de Griekse crisis een overdaad aan interessante artikelen oplevert. Een bepaalde intellectuele lethargie lijkt te zijn doorbroken en dat is alleen maar toe te juichen. Ik zal hier als een soort lappendeken een aantal links met citaten plaatsen, omdat in al zijn tegenstrijdigheden compleet niet duidelijk is wat de definitieve conclusie moet zijn, zelfs over bepaalde individuen. Ik denk op het moment dat SYRIZA met zijn provocatie al van onschatbare waarde is geweest en de sluier van de Europese Unie, waarmee het pretendeerde meer te zijn dan een economisch samenwerkingsproject, heeft afgerukt. Slavoj Žižek komt in een van zijn meer lucide stukken tot eenzelfde conclusie:

Leftists all around Europe complain how today no one dares to really disturb the neoliberal dogma. The problem is real, of course: the moment one violates this dogma, or rather, the moment one is just perceived as a possible agent of such disturbance, tremendous forces are unleashed. Although these forces appear as objective economic factors, they are effectively forces of illusions, of ideology. But their material power is nonetheless utterly destructive.

Dat betekent dat je nu als progressief twee kanten op kunt: of je zet je in om de E.U. om te vormen tot een samenwerking die voorbij de neoliberale tunnelvisie gaat, of je negeert het als een ontembaar technocratisch monster en concentreert je op vooruitgang op microniveau. Nikolia Apostolou, correspondent van De Correspondent maakte onlangs een korte film over een gemeenschap op het Griekse eiland Euboea, een verrassend snelle manifestatie van het idee dat ik eerder suggereerde. Niet mijn ideaal (ook al ziet het er op veel punten zeer verleidelijk uit), omdat ik altijd mijn bedenkingen heb over de machtsverhoudingen in zulke leefsituaties. Maar als alternatief kan ik het niet genoeg prijzen.

Paul Mason, die zelf in Athene leeft, heeft de afgelopen periode veel reportages en videoblogs gemaakt waarmee hij de situatie probeert te analyseren en kondigt nu het postkapitalisme aan:

You only find this new economy if you look hard for it. In Greece, when a grassroots NGO mapped the country’s food co-ops, alternative producers, parallel currencies and local exchange systems they found more than 70 substantive projects and hundreds of smaller initiatives ranging from squats to carpools to free kindergartens. To mainstream economics such things seem barely to qualify as economic activity – but that’s the point. They exist because they trade, however haltingly and inefficiently, in the currency of postcapitalism: free time, networked activity and free stuff.

Ik neig ernaar om dit als een onvermijdelijke uitkomst te zien. Alternatieve bewegingen zijn goed en op het juiste niveau bezig, maar tegelijkertijd ben ik sceptisch over de tijdsspanne waarin dit zal plaatsvinden en verwacht niet dat ik de vervolmaking nog zal meemaken (het zal in ieder geval niet een gebeurtenis zijn, meer een langzame verschuiving.)

Om terug te keren naar het hier en nu: een van de effecten die soms niet lijkt te zijn doordacht door de eurozone-technocraten is de manier waarop hun gedrag invloed kan hebben op het aangekondigde referendum over de vraag of het Verenigd Koninkrijk in de E.U. moet blijven. Of misschien is het wel een ingecalculeerd risico en verwacht men dat wanneer het zo ver is, de meeste mensen de afgelopen weken zullen zijn vergeten. Hoe dan ook, Camerons referendum was altijd een zorgvuldig georkestreerd pressiemiddel om gunstigere voorwaarden van de E.U. los te peuteren. Alleen een handvol anti-Europeanen in zijn eigen partij en kiezers van UKIP zouden voor uittreding stemmen. Dat lijkt dankzij Griekenland te zijn veranderd. Owen Jones geeft een goed overzicht van de groeiende linkse sympathie voor uittreding (een Lexit):

Other treaties and directives enforce free market policies based on privatisation and marketisation of our public services and utilities. David Cameron is now proposing a renegotiation that will strip away many of the remaining “good bits” of the EU, particularly opting out of employment protection rules. Yet he depends on the left to campaign for and support his new package, which will be to stay in an increasingly pro-corporate EU shorn of pro-worker trappings. Can we honestly endorse that?

Tariq Ali komt in London Review of Books na een interessante historische analyse tot eenzelfde conclusie. Hieraan voorafgaand geeft hij een goede samenvatting van hoe we in deze situatie zijn terechtgekomen:

When capitalism went into crisis in 2008, the scale of the disaster was such that Joseph Stiglitz was convinced it was the end of neoliberalism, that new economic structures would be needed. Wrong, alas, on both counts. The EU rejected any notion of stimulus, except for the banks whose recklessness, backed by politicians, had been responsible for the crisis in the first place. Taxpayers in Europe and the United States gave trillions to the banks. The Greek debt by comparison was trivial. But the EU didn’t want to make any shifts that could damage the process of financialisation that they had insisted was the only way forward. Greece, the weakest link in the EU chain, went first, followed by Spain, Portugal, Ireland. Italy was on the brink. The Troika dictated the policies to be followed in all these countries.

Ambrose Evans-Pritchard schreef in The Telegraph een tegendraads artikel waar Wolfgang Schäuble, de Duitse minister van financiën, in tegenstelling tot het beeld wat nu is ontstaan, eigenlijk de good guy is in het hele verhaal:

What Greece is being asked to do is scientifically impossible. Almost everybody involved in the talks knows this. Yet the lie goes on because the dysfunctional nature of EMU politics and governance makes it impossible to come clean. The country is dishonestly kept in a permanent state of crisis.

Vandaar ook de nieuwe neoliberale mythe dat de Griekse economie net op het moment dat SYRIZA werd verkozen op de goede weg was en in vijf maanden zomaar vijf jaar zorgvuldig beleid teniet is gedaan. Het medicijn (type chemotherapie) werkte echt!

Alleen de meest fanatieke taliban van de privatisering is er echt van overtuigd dat dit reddingsplan gaat werken. Beide partijen lijken vooral tijd te hebben gewonnen. De Trojka om hun imago op te vijzelen en de Grexit beter voor te bereiden, Tsipras om zijn land weer enigszins te laten functioneren. Ondertussen is het misschien geen slecht plan om die geldpersen van de drachme weer te repareren, gewoon voor het geval dat. Maar ik vermoed ook dat het Tsipras ergens niet slecht uitkomt om bepaalde veranderingen opgedrongen te krijgen. Een aantal eisen kan hij inzetten om de Griekse oligarchie te breken (al krijg je er hoogstwaarschijnlijk een nieuwe voor terug) en anderen plannen zullen ongetwijfeld verzanden in de doolhof van de Helleense bureaucratie. Wat het reddingsplan voor Tsipras onaantrekkelijk maakt, is de privatisering, waarvan de opbrengsten sowieso te hoog zijn ingeschat, maar die twee belangrijke nadelen kent. Het zorgt bij overnamen door internationale bedrijven voor een belastinglek richting postbusfirma’s en het betekent altijd dat het bedrijfsleven een te grote invloed krijgt op de politiek.

Privatisering zou in bepaalde gevallen al achterhaald moeten zijn, zo van “elektriciteitsnet, je mag het hebben.” Griekenland schijnt op het gebied van zonne-energie tot de top van Europa te behoren (zelfs beter dan Spanje waar het beleid is gesaboteerd door Partido Popular.) Maar ik heb nooit begrepen waarom dit niet al veel eerder is gebeurd in een land waar de geografie in combinatie met zonne-uren vraagt om deze manier van energieopwekking. Kortom, waarom is Griekenland niet de leider in zonne-energie innovatie? Een voor de hand liggende markt, vandaar dat anderen er natuurlijk eerder op waren gekomen. Zo vang je twee vliegen in een klap, kapitalisme bestaat immers bij gratie van fossiele brandstoffen.