Mastodon designing futures where nothing will occur
Posts tonen met het label jaarlijst. Alle posts tonen
Posts tonen met het label jaarlijst. Alle posts tonen

zondag 15 december 2019

Favoriete albums van 2019

En dat was het laatste muzikale jaar van het decennium. Ik kan hetzelfde schrijven als de afgelopen jaren over de afwezigheid van een breuk, maar dan kom ik nog wel op terug in mijn overzicht van de beste platen van het decennium. Op zich was 2019 een prima muziekjaar waarbij ik zelfs veel meer moeite had dan voorheen om het aanbod te reduceren tot tien platen, waarvan ik er nog veel door omstandigheden fysiek moet aanschaffen (mijn collectie rust al een paar maanden in een opslag.) Hoe dan ook, mijn favoriet weer als eerste genoemd. Vanaf dag 1 liefhebber van Laantje en ze lijkt ook steeds beter te worden (het volgend decennium gaat ze ook leveren ;)

   

Lana Del Rey – Norman Fucking Rockwell
Bijna voorspelbaar goed. De post-Empire ster levert een Grote Plaat© op het moment dat ik had geaccepteerd dat het niet meer mogelijk was. Nu we het toch over Bret Easton Ellis hebben, Del Rey is waarschijnlijk de beste artiest die voortborduurt op zijn werk. Californië, decadentie, melancholie, "How to disappear". Duidelijke zaak. Wonderschone liedjes, elke luisterbeurt weer een andere favoriet, met een verleidelijk wazige sfeer die riekt naar verdovende middelen uit de opiatengroep.  

Royal Trux – White Stuff
Dan toch eindelijk de hereniging van het coolste rockduo van de jaren ‘90 dat in het vermaarde decennium een geweldige reeks albums uitbracht. White Stuff – de ultieme Royal Trux titel- gaat door alsof de afgelopen 20 jaar niet hebben plaatsgevonden. Zwiepende gitaarriffs, surrealistische teksten over het Vieze Amerika en natuurlijk die unieke samenzang. Het is allemaal goed en past precies op een enkele LP met een paar klassieke krakers zoals het dreinende ‘Whopper Dave’ (de manier waarop “Promises!” op een gegeven moment Whopper Dave vervangt, is pure Truxoezïe) en het trieste ‘Suburban Junkie Lady’. Uiteindelijk lijkt het niemand iets te hebben kunnen schelen. Mooi zo, nog steeds dus dé cultband.  

Kim Gordon – No Home Record
Aangezien ik heilig geloofde in de synergie van Sonic Youth zat ik eigenlijk niet zo te wachten op een Kim Gordon soloalbum. En toch was ik na een paar nummers verkocht. Avontuurlijk, voornamelijk electronisch, erotisch en compleet anders dan wat ik had verwacht. Eigenlijk niets minder dan de vrouwelijke (en Los Angeles) variant van het tweede Suicide album.  

Laurel Halo – DJ Kicks
De muziek van Laurel Halo heb ik me tot nu toe maar zijdelings in verdiept. Maar op een of andere manier was ik gefascineerd door haar bijdrage aan de langlopende DJ Kicks mixserie (26 jaar inmiddels.) Mooie auteur techno-hoes met een portret van Halo als een getroebleerde Californische singer-songwriter. De mix is een heerlijk nerveuze maar dansbare variant op techno met vleugjes EBM. Mijn meest gedraaide album van 2019  

PTU – Am I Who I Am?
Origineelste technoalbum van 2019 kwam van dit Russische duo. Inventief en sfeervol maar altijd als goed geoliede sciencefictionmachine gericht op het plonkie-beukie gedeelte van de dansvloer. Gelukkig is kraker ‘Castor and Pollux’ inbegrepen.  

FKA Twigs – MAGDALENE
Ik moet bij FKA Twigs altijd aan twee dingen denken: Kate Bush vanzelfsprekend en anime. Haar muziek ademt in alles melancholische mens-machineconstructies uit. Een artieste die echt als 2019 klinkt.

Moon Duo – Stars are the Light
De meest stonede liedjes sinds ‘Wasp in the Lotus’ van The Dandy Warhols. Heerlijk eigen stijl, een soort lichtvoetige shoegaze (Cocteau Twins circa Heaven or Las Vegas associeerde ik) met Krautrockaccenten. Zorgeloze liedjes voor jonge geliefden op zonovergoten dagen. Sonic Boom bleek achter de knoppen te zitten, altijd een stempel van goedkeuring.  

Richie Hawtin – Close Combined (Live Glasgow, London, Tokyo)
Ik kan er ook niks aan doen, weer Richie Hawtin! Dit keer helaas niet op een fysiek drager maar dat doet niets af aan de kracht van dit nieuwe hoofdstuk in de Closer mixserie. Deze is misschien de meest functionele dansbare in de reeks met Hawtin die naadloos drie optredens combineert tot een spannende mix met opbouwen en climaxen die doen denken aan zijn buitengewone sets tijdens de Plastikman-jaren.  

J Majik – Full Circle
Onverwachte comeback. Een van de jungle-grootheden van de jaren ‘90 leek met vervroegd pensioen te zijn op een van de Canarische Eilanden. Wat blijkt, hij heeft nog steeds de touch. Jungle zoals het hoort te klinken, ratelend, vol op de Amen-break en aangekleed met verfijnde melodieën en voorbijschietende stemmen. Een warm bad voor de liefhebber, maar ook een herinnering aan het feit dat we ergens een verkeerde afslag hebben genomen en muzikaal in de parallele, grijze toekomst leven.  

Solange – When I Get Home
Ik ben op zich geen groot liefhebber van R&B maar Solange is speciaal, de grootste vernieuwer in het genre sinds Aaliyah. When I Get Home heeft een unieke sfeer alsof Solange dagdromend de liedjes improviseert. Veel korte impressionistische en schetsmatige liedjes vol herhaling in plaats van voorspelbare “hits” en minder hoorspelachtige herinneringen en preken dan op de ambitieuze voorganger A Seat at the Table.  

Ook met plezier geluisterd in 2019:
Robag Wruhme - Venq Tolep
The Dandy Warhols – Why You So Crazy
Dominik Eulberg - Mannigfaltig
Richard Fearless – Deep Rave Memories
Biosphere – The Senja Recordings
Multi-Panel – Empty Handed
James Holden – Cambodian Spring
Vilod - The Clouds Know
Fennesz - Agora
808 State – Transmisson Suite
William Basinski – On Time Out of Time
Paranoid London - PL
Francesco Tristano – Tokyo Stories
Matthijs Kouw – The Great Image Has No Form
Ben Salisbury & Geoff Barrow - Annihilation

zaterdag 15 december 2018

Favoriete albums van 2018

Onder liefhebbers van de popduiding viel een thema op in de aanloop naar het jaarlijstjesseizoen: de overdaad, zeg maar het slaafse volgen, van de Anglosphere als het er echt toe doet, of te wel wanneer de “prijzen” worden uitgedeeld. Ik heb daar zelf totaal niet bij stil gestaan, om de simpele reden dat ik toch nog steeds vanuit een elektronisch perspectief luister waar taal meestal een ondergeschikte rol speelt en dus artiesten buiten de Anglosphere de afgelopen 30 jaar een gelijkwaardige of, in het geval van Duitsland, een leidende rol spelen. Zo kom ik bij mijn favoriete tien albums van 2018 tot de volgende denominaties: Duitsland 3x, (binnenkort niet meer zo) Verenigd Koninkrijk 2x, Spanje 1x, Verenigde Staten 1x, Zweden 1x, IJsland 1x, Noorwegen 1x. Een keurig kosmopolitisch geheel, wat altijd een van de vrijheden is geweest waar elektronische muziek/dansmuziek voor staat.

Verder draait de 21ste eeuw lekker verder, nog steeds geen revolutie in zicht, de atomisering van genres gaat door waarbij maar enkele artiesten echt nog geloofwaardige verbindingen maken. De futuristen van de jaren ‘90 hebben op middelbare leeftijd hun habitat gevonden in dit ongrijpbare tijdperk en blijven sterk werk afleveren. En zullen dit de komende tien a vijftien jaar wel blijven doen, de visioenen van de jaren ‘90, als abstracte elektronische klanken en daarbij horende beelden zijn nog lang niet verzadigd. Daarvoor hebben we meer groene steden, meer virtual reality, meer ruimtereizen en een uiteindelijke first contact nodig. Best wel mooie dingen om naar uit te kijken.



Rosalía – El Mal Querer
Onlangs werd in het Spaanse parlement een noodwet aangenomen die alle Spanjaarden dwingt om El Mal Querer tot Album van het Jaar uit te roepen. Bij deze dus. Maar het is dan ook de meest revolutionaire flamencoplaat sinds Cameróns La Leyenda del Tiempo (1979). Rooms-Kitscholieke beelden (zie Rosalía op de hoes als sensuele Maria met een ster als coño) x liefdesverhaal x conceptalbum en dat alles lekker kort en bondig met een speelduur van net een half uur (die veel langer aanvoelt). Een spannende interpretatie van flamenco met enkele smaakvolle citaten (Arthur Russell!!!) in een photekachtige geluidswereld vol stuiterende kogelhulzen, zwiepende messen, kungfu-samples en subbassen. Het gevaar van een botte hybride ligt dan op de loer maar flamenco blijft de baas die alle invloeden opzuigt en eigen maakt. Ik kan wel huilen van zoveel liefde voor muziek. Mijn favoriete moment is dat onvergetelijke gitaarloopje in ‘Que no salga la luna’ wat door een filter gaat en lijkt te verdwijnen om na verloop van tijd terug te keren en zo blijft golven. ¡Olé! Het enige wat nu nog mist is een 22 minuten lange Ricardo Villalobos remix van ‘Di mi nombre’.

Autechre – NTS Sessions
Een buitengewoon statement. Vier radio-sessies, acht cd’s. Soms gaat het down the rabbit hole in laat-Ae "wie liet die vrachtenwagen met losliggende metalen pijpen om 4 uur 's ochtends door de straat rijden"-stijl, maar dat hoort erbij. Bovendien werkt het mooi als contrast met de meer “conventionele” tracks die Autechre hier presenteert, de hypnotischerende electro-bangers van sessie 1, de ambient-stukken van sessie 4. die dreinende tracks tussenin. Een monument voor IDM en tegelijkertijd een bewijs dat de innovaties van de jaren negentig nog lang niet zijn uitgeput.  

GAS – Rausch
“Wie Goethe die Farben als eines der Abenteuer des Lichtes betrachtet, könnten wir den Rausch als einen Siegeszug der Pflanze durch die Psyche ansehen.”

 Ernst Jünger  

The Orb – No Sounds are Out of Bounds
De plaat die ik deze memorabele zomer het meest draaide. Nu zet ik The Orb al decennia makkelijk op, daarvoor zijn het immers ambientmeesters. Zelfs de twee wat belegen jaren ‘90 liedjes aan het begin van het album ben ik enigszins gaan waarderen. Hoe dan ook, een sterke plaat met een mooie opbouw en veel Orbachtige knipogen en vondsten die je alweer bent vergeten wanneer het volgende nummer begint (dat is die anti-verzadiging). Wat je niet vergeet is ‘Ununited States’ het meest sublieme nummer van 2018. Heel mooi opgenomen album trouwens, elke volumeniveau geeft weer andere details prijs.  

Cypress Hill – Elephants on Acid
Nog meer veteranen die in 2018 weigerde op de automatische piloot verder te gaan. DJ Muggs liet de sampler vrijwel ongemoeid op deze hallucinante West Coast – Noord-Afrika hybride en speelde of zelf de muziek in of ging met Egyptische straatmuzikanten aan de slag. Het resultaat is een zompige, psychedelische hiphop die echt klinkt als muziek van nu.  

Prins Thomas – The Movement of Everyday Life
Een ware trip. Joakin Haugland is al 25 jaar labelbaas van Smalltown Supersound waar hij zijn uiterst eclectische muzieksmaak kwijt kan. Tijd voor een terugblik en daar strikte hij zijn trouwste klant, stadsgenoot Prins Thomas, voor. De discohippie pakte het vervolgens groots aan met een mix van 3 uur en 39 minuten, wat neerkomt op drie goedgevulde cd’s. Met een canvas van die omvang kun je natuurlijk voor de subtiele opbouw gaan: eerst een dik uur knisperende ambient ‘n eksperiment, een geflipt popliedje hier en daar, om toe te werken naar de onvermijdelijke kosmische disco sterrenslag en uiteindelijke comedown. Een heel eigenzinnige post-rave evolutie in kaart gebracht.  

Varg - Nordic Flora Pt. 5: Crush
Al een aantal jaar vaste gast in mijn jaarlijkse favorieten, de excentrieke Zweedse technoproducer Varg die het model van Nordic Flora Series Pt. 3: Gore-Tex City verder uitwerkt in een mooie verzameling lover’s techno. Innovatieve electronica met poëtische monologen en een fijn gevoel voor humor (met name in de titels als Archive 2 "DM Excerpts Between @skaeliptom & @chloewise_”).  

Gus Gus – Lies are more Flexible
Gus Gus kun je altijd hetzelfde over opmerken: ondergewaardeerd, welhaast genegeerd en toch altijd weer om de zoveel jaar een album vol prachtig geëxalteerde/melancholische trancepop die echt niemand ze nadoet.  

Robag Wruhme- Wuzzelbud FF
Nu officieel de beste leerling van Aphex Twin. Maar nog steeds met zijn eigen signatuur. De dubbel E.P. Wuzzelbud FF kent weer een aantal tracks met de vertrouwde Wruhme-sound, wonderschone voortstuwende house waar hij als een jongleur met geluiden werpt. Dit keer afgewisseld met een aantal tracks die wel bedoeld moeten zijn als een hommage aan Selected Ambient Works 85-92.  

Ancient Methods – The Jericho Records
Allemaal goed en wel al die verfijnde electronica vol slimmigheden en melodieën, maar soms wil je gewoon beuken. En goed beuken is moeilijker dan je denkt. Het mag niet clean zijn, er moet een bepaalde onderstroom aanwezig die de pompende beats zin geeft. Ancient Methods kun je dit altijd toevertrouwen. Ik zou deze muziek, met zijn associaties van goedkope speed en militaristische focus, in een club nog lastig kunnen volhouden, mentaal en lichamelijk, maar dat doet niets af aan het vakmanschap. Om de Mad Maxachtige sound wat in te kleuren is er vagelijk voor een Bijbels thema gekozen wat wel past bij het donkere, agressieve geluid: De God van het Oude Testament als humorloze fascist.  

Ook goed in 2018:
Niño de Elche - Antología del cante flamenco heterodoxo
Biosphere - The Hilvarenbeek Recordings
Ectomorph – Stalker
Jon Hassell - Listening to Pictures
Broeder Dieleman – Komma
Robyn – Honey
Alva Noto – Unieqav
Mouse on Mars – Dimensional People
The Black Dog - The Daisy Wheel
V/A - Don’t You Mess With Cupid, 'Cause Cupid Ain’t Stupid.

zaterdag 16 december 2017

Favoriete albums van 2017



2017. Wat kan ik zeggen? Techno. Techno. Techno. Maar dat is tegenwoordig net zoiets als zeggen Muziek. Muziek. Muziek. Ik kan er geen grote conclusies aan verbinden, niemand kan volgens mij muziek nog in zijn geheel overzien. Europa heerst in mijn wereld. De comeback van IDM 1992 – 1998 zet door, maar vrijwel nooit als simulatie en in de oorspronkelijke geest als een verder vertakkend avontuur in geluid. Wie zijn muziek zorgvuldig kiest kan zowaar een persoonlijk vormgegeven toekomst binnentreden.

 James Holden & The Animal Spirits – The Animal Spirits

 

"Do not fear mistakes. There are none."

    Miles Davis

Bijna voorspelbaar goed. Zo halverwege ‘Spinning Dance’, het tweede nummer op het nieuwe album van James Holden, zat ik er door de ingetogen woordeloze zang meteen in. En die vorm wordt de rest van de tijd meestal vastgehouden. Holden werkt een aantal latente ideeën binnen The Inheritors, van een soort heidens analoge Kosmische jazz techno, vol plezier uit. Alles in een take opgenomen zodat het soms lijkt te ontsporen, maar het ontspoort met liefde. Een plaat die flink op volume moet klinken en misschien zelfs als blauwdruk functioneert voor optredens waar echt al zijn geheimen worden onthuld.  

GAS – Narkopop
De verrassende terugkeer van het belangrijkste project van Wolfgang Voigt. Opulent verpakt want na al die jaren heeft GAS de status van een legende gekregen. Wat de liefhebber kreeg was de perfectionering van het, in principe eenvoudige, GAS model: Duits romantische klassiek muziek + techno beats. Alles groter aangezet, langer, meer pieken, meer dalen, veel contrast en een subliem geluid.  

Porter Ricks – Anguila Electrica
Nog een onverwachte maar zeer welkome comeback. Spannende update van het geluid waarmee Porter Ricks een van de beste albums van de Gouden Jaren Negentig maakte. De aquatische beats sidderen en melodieën bewegen met onverwachte bewegingen die heel modern klinken. Vertrouwd en nieuw, een winnende combinatie.  

Michael Mayer – DJ Kicks
Een goed jaar voor die ouwe, verguisde mix-cd en voor het Kompakt label in het algemeen. Laat het aan labelbaas Mayer over om weer een mooie mix af te leveren, waarschijnlijk zijn beste na het onovertroffen Immer. Veel pop, maar ook veel afwisseling met fijn melancholische Autobahn techno.  

Varg – Nordic Flora Series Pt. 3: Gore-Tex City
De Zweed Varg doet dan weer eigenwijs niet aan cd’s. En zijn vinyl albums zijn ook niet al te makkelijk te vinden. Dat helpt wel het imago van de artiest aan de periferie. Toch is de muziek van Varg op Nordic Flora Series Pt. 3: Gore-Tex City verre van ontoegankelijk, er is zelfs een lelijk autotune liedje dat heel erg pop 2017 is. Gelukkig is de rest verrukkelijke neontechno vol Japanse metro-omroepsters en sensueel Amerikaanse brabbelpoetica.  

Zomby – Mercury’s Rainbow
Ja, geduld is een schone zaak. Niet alleen omdat je dan een late release in je favorieten van het jaar kunt meenemen maar ook voor de liefhebber van Zomby’s meer glaciale werk. Want dit is een heus lost album dat eindelijk het licht ziet gevuld met varianten op de klassieke Eskibeat waar Wiley ooit naam mee maakte. Heel goed voor op de koptelefoon: kale beats, de bas 9.3 op de schaal van Tubby, een regen aan bliepjes, nul emotie.  

DJ Stingray – Kern Vol.4
Het is niet veel DJ’s gegeven om electro goed te mixen, laat staan om het hypnotisch te laten klinken. De gemaskerde man uit Detroit kan dit wel en waagt, helemaal volgens de leer van Drexciya, ook af en toe een uitstapje naar de eenvoud van techno. Kern is een prima samenvatting van zijn kunnen al mist het wel net de subbas van zijn livesets waar je haar goed van gaat zitten.  

Steffi – Fabric 94
Al snel door technofans met enig historische besef Artificial Intelligence III genoemd. En niet zonder reden, Steffi gebruikt haar bijdrage aan de Fabric-serie voor een fijnzinnige tentoonstelling van (op dat moment?) onuitgebracht en exclusief materiaal dat een ode vormt aan de klassieke Warp-sound van de jaren 91-93. Dat wil zeggen, elegante, downtempo techno. Haar nieuwe album World of the Waking State borduurde later in het jaar mooi voort op deze sound.  

Moritz Von Oswald & Ordo Sakhna – Moritz Von Oswald & Ordo Sakhna De voormalig Basic Channel/Rhythm & Sound man keert ongeveer elk jaar terug in mijn jaaroverzicht en dit keer gooide hij het verrassend over een andere boeg in de vorm van een samenwerking met het Kirgizische collectief Ordo Sakhna. De samenwerking is respectvol ingedeeld over 4 kanten van een mooie 10”: een kant opnamen van Ordo Sakhna, een kant een ultra kosmische interpretatie door Von Oswald ,‘Facets’ genaamd, dat zich kan meten met het vaagste werk van Dopplereffekt, liveopnamen en ten slotte een paar conventionelere dubtechno-mixes. Een mooi project dat doet denken aan de tijd dat jazzmuzikanten de wijde wereld introkken op zoek naar inspiratie en syntheses.  

Laibach – Also Sprach Zarathustra
Nietzsche is toch wel de favoriete filosoof van de popmuziek, wellicht van de muziek in het algemeen. Geen wonder, want hij was andersom de muzikaalste der filosofen. Alles bij elkaar opgeteld bijna voorspelbaar dat de oude provocateurs van Laibach zijn meest poëtische werk als uitgangspunt namen voor hun nieuwe album (eigenlijk onderdeel van een theatervoorstelling). En ze spelen het straight met een smaakvolle electronisch/klassieke hybride, af en toe verrijkt met een brommend voorgedragen tekstfragment. Niet een plaat die ik vaak opzet, maar wel fascinerend vind, vooral de mysterieuze afsluiting, een draaikolk van oorlogszuchtige noise (die ik ook maar een keer hoefde te horen.)

Ook goed in 2017:
Ricardo Villalobos – Empirical House
Dopplereffekt – Cellular Automata
Fever Ray – Plunge
Lee Gamble – Mnestic Pressure
Robert Hood – Paradygm Shift
Vermont – II
Brian Eno – Reflection
Gary Numan - Savage (Songs from a Broken World)
Prins Thomas - 5 
Kelly Lee Owens - Kelly Lee Owens 
Terrence Dixon - 12,000 Miles of Twilight
UMFANG - Symbolic Use of Light

zondag 6 december 2015

Favoriete Albums 2015 (met traditionele mix)

2015 na Chr. Zoals iedereen die een beetje deze site heeft gevolgd weet, was een groot deel van dit jaar gekoloniseerd door Aphex Twin en zijn rijkgevulde archief. De eerste zes maanden heb ik bijna naar niets anders geluisterd. Het vormt zonder twijfel de belangrijkste muzikale bijdrage van 2015, waarvan de consequenties nog niet helemaal duidelijk zijn, al hoop ik natuurlijk op een nieuwe golf door hem geïnspireerde electronica. Later in de zomer hoorde ik in Jaffna (Sri Lanka) muziek in zijn meest pure vorm, een ervaring van onschatbare waarde. Op filmgebied was er veel moois te zien en te horen met een aantal innovatieve soundtracks, waaronder de film die met je ogen dicht bijna net zo krachtig is: Knight of Cups. Ondanks de late start van ondergetekende was het moeilijker dan voorgaande jaren om tien albums te vinden. Dit keer omdat er meer dan genoeg keuze was! Daarbij torende een plaat ver boven de rest uit, die noem ik als eerste, de rest kent zoals gebruikelijk geen volgorde.  

Joanna Newsom – Divers
Toen ik haar zag en hoorde (als geweldige verteller) in Inherent Vice besefte ik opeens dat Joanna Newsom een beetje uit het gehoor was geraakt. Zo was haar laatste driedubbelalbum Have One On Me (2010) compleet langs me heen gegaan. Vreemd hoe dat kan gebeuren in tijden van totale informatie. De juichende kritieken van Divers waren dit keer echter lastig aan te ontsnappen. Terecht, maar een van de dingen die ik moeilijk vind wanneer je probeert over haar muziek te schrijven, is om niet te grijpen naar kant-en-klare superlatieven. Nadat ik haar zag optreden in Utrecht is in ieder geval duidelijk dat er op het moment geen artiest is zoals zij, die virtuositeit koppelt aan fantasie en emotionele diepte (‘Waltz of the 101st Lightborne’ is verreweg het droevigste liefdesliedje dat ik in jaren heb gehoord.) Ze heeft, zoals men wel eens zegt, een oude ziel waardoor je soms vermoedt dat ze toegang heeft tot lang vervlogen herinneringen. Divers laat horen dat Newsom precies doet waar ze zin in heeft. Ze heeft geen haast waardoor opener ‘Anecdotes’ een bizar mooie opbouw kent en haar “we sing to the garden/we sing to the stars” woorden perfect uitkomen. ‘Sapokanikan’ had zoiets als een hit kunnen worden als ze het nummer in de couplet-refrein mal had geduwd, maar niet getreurd zo is het een nieuw volkslied voor dichters, kunstenaars en filosofen. Wat ik tijdens het concert hoorde was een visioen van een Ander Amerika: introvert, literair en magisch. Dat stemde mij, tegen beter weten in, hoopvol.  

Cio D’Or – All in All
Techno zoals techno hoort te klinken. Dat wil zeggen avontuurlijk, mysterieus en elegant. Op haar tweede album werkt Cio Dorbrandt verder aan haar subtiele model voor dansmuziek. ‘Tomorrow was Yesterday’ heeft een exemplarische opbouw, met een zenuwachtig ritme en herhalend motief van strijkinstrumenten dat zichzelf plotseling bevrijdt en opbloeit. Op ouderwetse LP-lengte weet Cio de Blade Runner blues uit haar machines te destilleren. Ooit verwachtte men dat we in 2015 naar deze muziek zouden luisteren. “Future confirmed”, zoals mijn dochter zou stellen.  

Tove Styrke – Kiddo
Net als haar oudere buur Annie, zou Tove Styrke veel populairder moeten zijn dan ze in werkelijkheid is. Kiddo is niet-cynische pop en blijkbaar vertrouwt de massa buiten Zweden dat niet (geen idee waarom, misschien zijn de algoritmes haar niet gunstig gezind.) Ik hoor alleen maar uitmuntende popmuziek, inventief en melodieus. Kiddo staat vol hits die geen hit waren, inclusief de prijsnummers van de Borderline E.P. Met haar videogamegeluiden, 303 en reggaebassen klinkt Styrke soms als een The Knife jr. Beste blijft nog steeds ‘Even If I’m Loud It Doesn’t Mean I’m Talking to You’ met die exemplarische herhaling en afwezigheid van refrein.  

Geoff Barrow & Ben Salisbury - ex_machina
Ik heb zo vaak geklaagd over fantasieloze neoklassieke soundtracks dus dit voelde als een bevrijding. Alex Garlands ex_machina is een intrigerende film over een onderwerp dat er werkelijk toe doet en de hypnotische muziek helpt je om compleet in het verhaal te worden gezogen. Na afloop was ik toch verrast dat Geoff Barrow (ondanks zijn filmische producties voor Portishead) hier samen met, de voor mij onbekende, Ben Salisbury verantwoordelijk voor was. Geen beat te bekennen in deze geluidswereld vol gruis en pulsen. Laten we hopen dat hiermee eindelijk een nieuwe standaard is gezet voor (sciencefiction)films.  

Joris Voorn - Fabric 83
Ik heb hier al eerder over geschreven. Een van de weinige DJ’s waarvan ik nog een mix op cd aanschaf in tijden van podcasts en Mixcloud. De perfecte muziek tijdens nachtelijke autoritten.  

Vilod – Safe in Harbour
Daar is hij weer! Goeie ouwe Ricardo Villalobos dit keer met zijn kompaan Max Loderbauer waarmee hij sinds het magistrale Re: ECM een aantal remixes maakte die blijkbaar zo goed bevielen dat ze een album met eigen materiaal produceerden. De hogeschooltechno op Safe in Harbour is alles behalve veilig. Dit is zeer verraderlijke muziek die als je ook maar even niet oplet zo langs je heen gaat. Het klinkt allemaal heel organisch, vol typische Villalobos bubbeltjes en tikjes, maar het is volkomen onduidelijk hoe de heren het in elkaar hebben gezet. Als het een mix van samples en eigen input is, mag het virtuoos heten. Het album heeft een geweldige opbouw en begint heel zorgeloos waarna je langzaam een labyrint in wordt getrokken met het knettergekke ‘Beefdes’ als psychedelisch middelpunt. Een plaat die veel te weinig liefde heeft gekregen (te vreemd voor technoheads? Te machinaal voor jazzliefhebbers?)

Killah Priest – Planet of the Gods  
Heavy Mental (1998), een van de beste hiphopalbums ooit, kom ik nog een keer op terug. Maar Killah Priest is sindsdien van mijn radar verdwenen. Geweldig om er achter te komen dat hij in 2015 nog steeds actief is. Planet of the Gods is weer puur afrofuturisme, een vreemd mengsel van quantummechanica, alternatieve lezingen van het Oud Testament, bijeengeraapte gnosis, chemtrailsparanoia en samples van Carl Sagan (‘The Vast Bottomless Sleep’). Er staan een paar harde bangers op (‘Earth to Walter Reed, Come In Please’) en er is druk inspiratie gezocht in Indiase muziek, wat nog subtiel gebracht wordt ook. Unieke rapper.  

The Orb – Moonbuilding 2703 A.D.
Raar oeuvre heeft The Orb toch. Eigenlijk zijn de eerste twee albums het product van een groep en alles daarna van een heel andere The Orb. Die eerste twee albums zijn zo goed dat ze als de spreekwoordelijke molensteen werken. Bij elk album denk ik “hun beste sinds U.F.Orb”. Wat misschien oneerlijk is. Al die albums kennen wel een geweldig nummer (type ‘Montagne d'Or’ of ‘Toxygene’ ) en Okie Dokie It’s The Orb on Kompakt (2005) is gewoon een vrij compleet album. Maar Moonbuilding 2703 A.D. is nog beter en dus echt hun beste sinds Pomme Fritz (1994) waar ik door de jaren heen een groot liefhebber van ben geworden (sterke solar punk vibes trouwens). Waarom is dat? Vier lange tracks waar oppervlakkig gehoord weinig in gebeurt, maar in realiteit schuift het allemaal subtiel, geholpen door lome housebeats alsof het weer 1990 is en je met Primal Scream lachend op de dansvloer staat. Het is de focus, dat waar coffeeshopbewoner Alex Patterson nog wel eens gebrek aan leek te hebben, die dit alles in goede banen leidt en waardoor precies het juiste gevoel van onpretentieuze pienterheid wordt opgeroepen.

Wolfgang Voigt – Rückverzauberung 10 | National Park
Dit lange, golvende stuk is de logische conclusie van Voigts GAS/Rückverzauberung projecten. Ambient in zijn meest pure vorm, helemaal als je bedenkt dat de muziek was gemaakt voor een geluidsinstallatie in een bos. Zijn meer op de dansvloer gerichte album van dit jaar, Protest |Versammlung 1, is ook zeer de moeite waard.  

Regis – Manbait
Regis heeft twee gezichten. Aan de ene kant staat hij bekend om zijn snoeiharde techno en al is het, net als Surgeon, altijd goed gemaakt, werd dat subgenre in de begin jaren negentig door Jeff Mills tot zijn logische conclusie gebracht. Interessanter is Regis wanneer hij zijn fascinatie met industrial uitwerkt. Op Manbait compileert hij op handige wijze zijn laatste experimenten en remixes in deze “stoere mannen, macho” stijl en dat levert een zeer coherent en sterk album op. Manbait klinkt als een onuitgewerkte zijtak van house die levensvatbaar was toen men in Detroit en Chicago Nitzer Ebb mixte met ‘Acid Thunder’. Spannende, donkere dansmuziek. Je voelt de kale betonnen ruimtes, enkel verlicht door stroboscopen, de spieren en kaken gespannen, compleet in beslag genomen door de machinale erotiek.

Laten we niet vergeten:
Varg - Ursviken
Leviathan – Scar Sighted
The Black Dog – Neither/Neither
Model 500 – Digital Solutions
ASC – Imagine the Future
Panda Bear – Panda Bear Meets the Grim Reaper
Joey Anderson - Invisible Switch

 

maandag 8 december 2014

Favoriete albums 2014 inclusief mix



2014. Een acceptabel muziekjaar, als je de cyclus van 365 dagen belangrijk vindt om muziek mee te kaderen. Een paar mooie comebacks, gedroomde samenwerkingen en gewoonweg een goede dosis spannende muziek. Over het effect op de komende jaren valt weinig te zeggen, maar men doet zijn best. Mijn tien favoriete platen in willekeurige volgorde, al denk ik dat Ex mijn favoriete plaat van 2014 is.

Plastikman - Ex
Ik heb elders Ex al uitgebreid besproken en kan hier nog maar enkele punten accentueren. Eigenlijk wist ik vanaf het moment dat ik de ‘trailer’ van Ex hoorde dat we hier met Hawtin in topvorm te maken zouden hebben. Ruimte, bliepjes, gevoel. Een even belangrijke comeback als Aphex Twin. Ex klinkt bekend en ontzettend fris. Dat heeft denk ik te maken met de snelheid waarmee Hawtin het heeft gemaakt. Een spontaan idee in plaats van een worsteling. Daarnaast zijn er tegenwoordig in techno gewoon weinig artiesten die dit kunnen: noten weglaten, geduld hebben en dan toch een ongekende emotionele diepte bereiken. Ex is eenvoudig weg te zetten als de definitieve manifestatie van museumtechno (dat ís het ook letterlijk). Veeleer vormt het een eerbetoon aan grootmeester Pete Namlook en een van de meest complete techno-albums tot nu toe. Vul hier je favoriete superlatief in.

Aphex Twin – Syro

GusGus – Mexico
De meest onderschatte popband van de laatste twintig jaar. Braaf blijft het IJslandse collectief geweldig album na geweldig album uitbrengen (met dank aan Kompakt die ze trouw een warm onderkomen verzorgt.) Mexico is weer op en top GusGus: dansbaar, melodieus en melancholisch. De riedel waarmee ‘Another Life’ begint - zo juist, zo spannend en opliftend als de beste ravekraker. Mexico is misschien niet zo consistent als Arabian Horse (‘Sustain’ doet me bijvoorbeeld niet zo veel) of compleet als meesterwerk Attention, maar als het goed is dan is er op het moment geen betere pop te vinden.

Scott Walker + Sunn o))) – Soused
Is bij sommige liefhebbers ten ondergegaan aan te hoge verwachtingen. Jammer voor hen. Een welhaast onvermijdelijke samenwerking: delen van The Drift baanden de weg richting Soused, dat een van de origineelste popalbums ooit mag heten. Beide artiesten vullen elkaar bijna moeiteloos aan en halen het beste in elkaar naar boven. De eerste Sunn-riff die neerdaalt is van een ongekende pracht. Walker heeft weer geweldige teksten geschreven vol intrigerende lagen en verwijzingen. Zijn zang past zoals verwacht prima bij Sunn dat hem ook lijkt uit te nodigen tot een bepaalde beweging voorwaarts –scherp en gericht— waardoor ‘Bull’ een heerlijke intensiteit krijgt en vervolgens uitdooft in van de mooiste lavadrones die Sunn ooit wist te kanaliseren. Een van mijn favoriete albums van beide artiesten.

Caustic Window – Caustic Window
De nerdmessias van techno keerde dit jaar eindelijk terug en werd met open armen ontvangen. Een soort officieuze aanloop vond eerder plaats met het Caustic Window album dat om vage redenen nooit werd uitgebracht. Het verloren gewaande testalbum werd geveild en na aankoop via een crowdfundtraject openbaar gemaakt. Een gift aan de mensheid: vintage Richard D. James muziek uit het glorieuze 1994. Het klinkt onaangetast door herinneringen extreem fris: speelse dansmuziek zoals maar een iemand kan maken. In interviews bleek RDJ verguld door het project en het heeft hem waarschijnlijk een laatste zetje gegeven om nieuw werk uit te brengen. Hopelijk volgt nu meer muziek uit zijn legendarische archief. Er kan nooit genoeg Aphex Twin muziek zijn.

Swans – To Be Kind
Deze dubbelaar van Swans 2.0 is zo opgehemeld en uitgebreid geanalyseerd dat er nog weinig aan valt toe te voegen. Niet alles is even goed. De funk in ‘Oxygen’ kan me gestolen worden en de blues is acceptabel. Nee, Swans moet BEUKEN! BEUKEN! BEUKEN! Dubbele drums in je solar plexus met een laag riffs erover heen gezandstraald. En dat gebeurt hier gelukkig regelmatig. Genadeloos psychedelische en hypnotische beukestein richting het hart van de zon. 

The Soft Pink Truth – Why Do the Heathen Rage?
The Soft Pink Truth heb ik altijd leuker gevonden dan Matmos waar Drew Daniel een helft van vormt. Toch is Why Do the Heathen Rage? een zeer onverwachte stap. Daniel blijkt al jaren een liefhebber van black metal, maar heeft daar als weldenkend mens ook zijn twijfels over. Want hoe is de liefde voor de muziek te verenigen met de meer discutabele kanten van het genre? Tijd om meta te gaan en door electronische covers het genre zowel te vieren als te kritiseren. De provocateurs geprovoceerd. Resultaat is een vuige, innovatieve en ook erg grappige plaat.

Lana Del Rey - Ultraviolence
Graag loop ik hand in hand met Lana na een gezamenlijke snowball heel traag richting de zonsondergang in de Pacifische Oceaan. Er zijn op het moment twee ekte-ekte popsterren, Taylor Swift en Lana del Rey. Swift kan ik respect voor opbrengen maar is meer iets voor mijn dochters, Lana is in Ellisaanse termen, post-Empire, met haar realistische lichaam en nihilistische teksten. Ultraviolence is een veel completer album dan haar debuut, dat een connectie zoekt en vindt met Mazzy Star. Het resultaat is een soort valiumversie van Appetite for Destruction

ø – Konstellaatio
Een van de platen die ik het meest heb geluisterd dit jaar. Mika Vainio (van Panasonic) is een veelzijdige technoartiest die zijn pseudoniem ø meestal gebruikte voor de betere minimal techno. Op Konstellaatio kiest hij voor een verstilde reis door de kosmos (de titel betekent sterrenbeeld in het Fins). Resultaat is de beste ambientplaat die ik in jaren heb gehoord, een soort onontgonnen vertakking van het WARP geluid van 1992-1994 met een vleugje Porter Ricks. Koud maar menselijk. Soulmuziek voor kosmonauten.

Ariel Pink – Pom Pom
Met gemak zijn beste album sinds The Doldrums. Een ijzersterke verzameling geflipte lo-fi yachtliedjes met het gebruikelijke Ariel Pink gevoel voor humor (waar niet iedereen helemaal gevoelig voor is, zelf lig ik helemaal in een deuk van schedelkleverachtige meligheid als dat "poompadora" op 'Exile on Frog Street'). Een soort god-als-10 jarige die overal zijn neus voor op haalt, classic rock als een soort muziekdoos in zijn hand bestudeert en het wel grappig vindt om even mee te spelen. En op een ander niveau is Pom Pom een van twee grootse L.A.-albums van 2014.
 



donderdag 19 december 2013

2013: De Jaarlijst (incl. mix)

Vooruit, braaf tot bijna de laatste week gewacht, zodat ik kan stellen: dit waren echt mijn tien favoriete albums van 2013. Duiding? Groene sprieten die uit het permafrost verschijnen? Of wel, de toekomst hervonden? Ik ben er nog niet helemaal uit. Een kanttekening die je kunt plaatsen is dat het hoofdzakelijk veteranen waren die de kar trokken. De vormen zijn bekend en kunnen nog lange tijd worden uitgewerkt met als resultaat uitstekende muziek, zoals:

Holden – The Inheritors
Puur muzikaal de avontuurlijkste plaat van 2013. Dat wat we heel erg nodig hadden. Onvoorspelbaarheid en mystiek in techno, het kan nog. The Inheritors zou veel muzikanten die in en rond de dansmuziek opereren aan het denken moeten zetten en daarmee een breuk forceren. Maar ik vermoed dat het een uniek artefact zal blijven. Dat heeft ook zijn kracht.

Daft Punk – Random Access Memories
De laatste Grote Plaat ooit? Hoogstwaarschijnlijk. De moeite, het budget, hét liedje en het zelfbewustzijn (naast historisch bewustzijn) die nodig waren om het voor elkaar te krijgen maken het welhaast niet te herhalen. “The dream was so big.” Maar dat je het dan toch voor elkaar krijgt, door over alle interwebz ironie/ongein/onkunde heen te walsen en voor een korte periode het collectieve popmoment weet te vangen, weinigen lijken door te hebben wat Daft Punk echt voor elkaar heeft gekregen. Steeds vaker als ik aan Daft Punk denk zie ik ze als twee farao’s, oppermachtige heersers van een dodencultus.

The Knife – Shake The Habitual
Een Metal Box voor de 21ste eeuw, daar sta ik nog steeds achter. Een kille muziek gedreven door theorie en politiek. Radicaal feminisme ben ik ambivalent over, het heeft de neiging humorloos te zijn (en interviews met The Knife beginnen de laatste tijd wel heel streng ideologisch te worden). Aan de andere kant heb ik respect voor de andere manier van denken, het idee dat het neoliberale project (gekoppeld aan de visie dat de blanke manaap de maat der dingen is) geen logisch eindpunt is. Een album hier op baseren kan slecht uitpakken maar de provocatie is knap op diverse niveaus uitgewerkt. Bovendien, wees blij dat er nog popmuziek bestaat die weigert braaf de regels te volgen.

Boards of Canada – Tomorrow’s Harvest
Waarschijnlijk de plaat die het meest als 2013 klinkt. Pessimisme in het heden en ambivalente gevoelens over de nabije toekomst. Boards of Canada hoeft het niet uit te spellen. Politiek zonder retoriek, elektronische muziek met ongekende visuele kracht.

My Bloody Valentine – mbv
In januari verschenen dus bijna vergeten. Niet hier. De opvolger van Loveless is een echte LP, met twee kanten, een die verder gaat waar we in 1991 waren gebleven, een die voorzichtig uittekent hoe verder. Kant A is subliem, een onderdompeling in alles wat My Bloody Valentine zo uniek maakt. Kant B is…intrigerend, maar ergens ook liefdeloos, alsof het een aankondiging is van dingen die nog moeten komen.

Autechre – Exai 
Die twee geniale gasten met hun tigste album, maak er een dubbelaar van. Ik kan er nog jaren mee leven voordat het al zijn geheimen zal prijsgeven. De tragiek van Autechre, altijd innovatief, altijd eigenzinnig en vrijwel iedereen doet er blasé over.

Moritz von Oswald & Nils Petter Molvaer - 1/1
Ik vermoed dat deze plaat wordt vergeten. Doe het niet want Moritz Von Oswald laat in deze samenwerking zien dat er zoiets is als echte jazztechno. Diep en open. Misschien de meest conventioneel mooie plaat van 2013.

Primal Scream – More Light
Hun beste sinds XTRMNTR (toch ook alweer 13 jaar geleden). Scherp en avontuurlijk, je hoort dat Gillespie en kornuiten dachten “we hebben niets meer te verliezen/bewijzen, dus we doen waar we zin in hebben.” Resulteert in een fijne plaat die op onvoorspelbare wijze alle kanten opspringt.

Daniel Avery – Drone Logic
Beste pure dansalbum. Daniel Avery timmert al een tijd aan de dansvloer als een avontuurlijke DJ die precies de balans tussen experiment en dansbaarheid weet te vinden. Drone Logic weet die balans mooi uit te werken.

De Jeugd van Tegenwoordig – Ja, Natúúrlijk!
Niet zo goed als De Machine, wat waarschijnlijk hun meesterwerk zal blijven. Maar niet getreurd, dit blijft op en top Jeugd. De tekstvondsten zijn weer vaak pure poëzie en muzikaal blijft de Neger Des Heils ook niet stilzitten (ik ben er van overtuigd dat hij naar Stefan Goldmann heeft geluisterd met ‘De Formule’ als resultaat). Betere muziek wordt in Nederland niet gemaakt (daarbuiten meestal ook niet trouwens).

Een mooi excuus voor een mix!


2013 - de mix by De_Toekomst_Hervonden on Mixcloud